Chronomed Home Bookmark Contact
Home
  • Cliënten
    • Slaap problemen
    • Medicatie
    • Winterdepressie
    • Apneu
    • Snurken
    • Ploegendiensten
    • Chronische Vermoeidheid
    • Mondschild
    • Burn Out
  • Verwijzers
    • Indicaties
    • Behandelingen
    • Resultaten
    • Online verwijzen
    • Aanvraag Verwijsformulier
Bedrijven Topport
  • Media
    • Pers
    • Scientific Update
  • voorlichting
    • Factsheets
    • Test en check
  • Actueel
    • Nieuws
    • Op deze website
    • Vacatures
Over ons Contact
Chronomed

Nieuws

Slaapstoornissen in het nieuws


Blauw licht maakt alerter
Bewuste dromers meer alert
Versnelde tumorgroei door slaapverstoring
Geel licht gezonder voor nachtwerker
Sociale leven beïnvloedt tienerslaap
Betere slaap zonder sigaretten
Slaapbehoefte door leren
Licht invloed op gezondheid patiënten
Slank door vast slaapritme
Hyperactief door onregelmatige slaap
Schone hersenen door slaap
Onvoldoende herstel na ‘bijslapen’
Yoga helpt bij insomnie menopauze
Middagslaapje helpt kleuters bij leren
Agressievere huidkanker bij slaapapneu

Nachtmerries: Wat kun je er tegen doen?



25-10-2005 -

Nachtmerries kunnen het leven grondig bederven. Hoe ontstaan ze en wat kun je ertegen doen? 'Kruip in je droom en verander het plot.'

De jonge Nederlandse onderzoeker Victor Spoormaker weet alles over angstdromen. Hij weet zelfs hoe je je ertegen kunt verweren: kruip in je droom en verander vervolgens het plot. Dit voorjaar hoopt hij in Utrecht te promoveren op een proefschrift over nachtmerries. Een stukje in een wetenschappelijke legpuzzel.

Zelfs een koningin heeft nachtmerries. Dat bleek maar weer eens toen koningin Beatrix afgelopen maand haar dankwoord uitsprak bij de benoeming tot eredoctor van de Universiteit Leiden. In die rede bekende zij dat ze na haar afstuderen nog wel eens de nare dromen had dat ze ook nog moest promoveren.

Gewone stervelingen hebben dat soort angstdromen ook. Meestal moeten ze dan alsnog eindexamen wiskunde of Frans doen. Of ze zitten, zoals Nederlands jongste droomonderzoeker Victor Spoormaker, in hun droom met een lijst tentamenvragen voor zich waar ze geen touw aan kunnen vastknopen.

Bijna iedereen heeft wel eens een nachtmerrie gehad
Onzin natuurlijk. Spoormaker, 25 jaar oud, is niet alleen al vier jaar afgestudeerd psycholoog, over drie maanden hoopt hij aan de Universiteit van Utrecht te promoveren op een proefschrift over nachtmerries. Hij werkte bij de beroemde droomonderzoeker Stephen LaBerge van de Amerikaanse Stanford University en schreef tussen de bedrijven door ook nog het interessante en goed leesbare boek Alles over dromen (Kosmos, Z&K Uitgevers).

Maar wel een jongen die als kind heel veel droomde, en ook geplaagd werd door vervelende nachtmerries, zo vertelt hij openhartig. Hij mag dus een ervaringsdeskundige worden genoemd die van zijn 'hobby' zijn werk heeft gemaakt. Hobby is in zijn geval geen groot woord, want hij is gek op dromen.

Vooral als het 'lucide' dromen zijn, waarin de dromer zich in zijn slaap bewust wordt van het feit dat hij droomt, maar in plaats van wakker te worden de droom als het ware gaat sturen. 'Wat wil je nog meer!' roept hij enthousiast. 'Zo'n lucide droom is zo goed als echt, maar je mogelijkheden zijn onbegrensd. Je kunt er alles in doen wat je maar wilt. Wil je vliegen, dan ga je gewoon vliegen!'

We blijven eerst even met beide benen op de grond. Hoewel ieder mens ongeveer een kwart van zijn slaaptijd droomt en geleerden al eeuwenlang strijd voeren over de vraag wat dromen te betekenen hebben, is er wetenschappelijk nog helemaal niet zoveel over bekend. Dat komt volgens Spoormaker omdat het onderwerp bijna honderd jaar lang 'gekaapt' is geweest door Sigmund Freud en zijn analytici.

Diens volstrekt onbewezen theorie van dromen als 'de koninklijke weg naar het onderbewuste' was zo lang dominant, dat iedereen die er anders over dacht zich liever niet aan droomonderzoek waagde. ‘Want voor je het wist, werd je als Freudiaan aangemerkt en wetenschappelijk niet meer serieus genomen,’ aldus Spoormaker.

De kentering kwam begin jaren zestig van de afgelopen eeuw, na de ontdekking van de remslaap, waardoor het slaaponderzoek een vlucht nam. In 1981 werd het wetenschappelijke bewijs geleverd dat lucide dromen echt bestaan. Dankzij die ontdekking steeg de belangstelling voor droomonderzoek.

Het onderzoek naar nachtmerries kwam echter pas tien jaar geleden goed op gang, toen duidelijk werd dat mensen die aan een posttraumatisch stress-syndroom (PTSS) lijden vooral heel veel last hebben van terugkerende angstdromen. Nog steeds richt het meeste onderzoek zich op deze groep patiënten.

De kennis over nachtmerries is dus beperkt, zo blijkt duidelijk uit een wetenschappelijk overzichtsartikel van Spoormaker. Er zijn hier en daar wat stukjes van de legpuzzel gevonden, maar meer ook niet. Bovendien staan zelfs die stukjes nog ter discussie.

Neem bijvoorbeeld de definitie van nachtmerrie. De term is volgens Spoormaker vermoedelijk afkomstig van het oud-Germaanse woord 'nachtmare'. 'Mare' betekent 'heks' en een nachtmare was een klein demonisch nachtheksje dat binnensloop en bovenop de slapende dromer ging zitten om hem angstaanjagende dingen in te fluisteren. De enige manier om haar weg te houden was om pantoffels met de punten naar het bed toe te zetten, zodat ze daar in zou stappen in plaats van op de persoon zelf te gaan zitten. 'Maar het is nooit onderzocht hoe effectief pantoffels zijn tegen nachtmerries,' voegt hij eraan toe.

Volgens het hedendaagse handboek van de American Psychiatric Association, de DSM IV-TR, moet een nachtmerrie worden gedefinieerd als een 'extreem angstwekkende droom waarvan een persoon wakker schrikt'. Die persoon kan zich vervolgens snel oriënteren en precies herinneren wat hij heeft gedroomd. Meestal wordt in de nachtmerrie het bestaan, de veiligheid of de zelfachting van de dromer bedreigd.

Spoormaker en andere droomonderzoekers vinden deze definitie echter te eng. Een nachtmerrie hoeft niet altijd 'extreem angstwekkend' te zijn. Soms zijn het andere sterke emoties – zoals woede, schuldgevoel of verdriet – die de bange droom bepalen. Verder blijkt uit onderzoek dat je niet altijd uit een nachtmerrie wakker schrikt. Je kunt ook nadat de boze droom is afgelopen, gewoon uit jezelf wakker worden.

Nachtmerries mogen overigens niet worden verward met nachtelijke angstaanvallen. Wie daar last van heeft, schrikt op een zeker moment wakker, doet er lang over om zich te oriënteren, weet niet wat hij gedroomd heeft, maar houdt wel enige tijd een intens gevoel van angst of bedreiging.

Wat precies de overeenkomsten en verschillen tussen nachtmerries en nachtelijke angstaanvallen zijn, is onbekend, omdat er nog nooit een vergelijkende studie heeft plaatsgehad. Goed onderzoek naar bange dromen is hoe dan ook moeilijk, benadrukt Spoormaker, omdat proefpersonen die zeggen veel last van nachtmerries te hebben, er in slaaplaboratoria bijna nooit een krijgen. Waarom niet? ‘Het is een mysterie,’ zegt Spoormaker. 'Misschien komt het omdat ze zich onbewust in zo’n lab, omringd door mensen, veiliger voelen dan thuis.'

Ook over de mate waarin nachtmerries voorkomen, is nog veel onduidelijkheid. Uit diverse droomonderzoeken blijkt dat ieder mens ongeveer een kwart van zijn slaaptijd droomt. Iemand die acht uur per nacht slaapt, droomt daarvan dus twee uur. Het meest wordt er gedroomd tijdens de remslaap, maar nachtmerries kunnen zich ook in slaapstadia 1 en 2 voordoen. Nachtelijke angstaanvallen treden vooral op tijdens de diepe slaap, in slaapstadia 3 en 4.

Volgens recente Europese studies heeft 2 tot 2,5 procent van de bevolking last van nachtmerries. Uit onderzoek van Victor Spoormaker blijkt dat driekwart van de Nederlandse bevolking uit eigen ervaring weet wat een nachtmerrie is. Twaalf procent heeft af en toe een angstdroom zonder daar last van te hebben. Zeven procent van de Nederlandse bevolking heeft ‘een beetje’ last van nachtmerries en 2,5 procent 'veel' tot 'zeer veel'.

Vrouwen zeggen er vaker onder te lijden, maar dat heeft wellicht te maken met het feit dat vrouwen zich vaker hun dromen kunnen herinneren, dus ook hun bange dromen. Verder kun je volgens Spoormaker stellen dat mensen met neurotische trekken of een rijke fantasie en een sterk inbeeldingsvermogen iets meer kans hebben op nachtmerries.

Waar komen die nare dromen vandaan? De wetenschap maakt onderscheid tussen posttraumatische nachtmerries die het gevolg zijn van een afschuwelijke ervaring, iatrogene nachtmerries die worden veroorzaakt door het gebruik van drugs of medicijnen en idiopatische nachtmerries die geen aanwijsbare oorzaak hebben.

Dat een traumatische ervaring tot angstdromen kan leiden, is bekend. Meestal blijft het bij een paar keer, en vervaagt de bange droom langzaam maar zeker tijdens het verwerkingsproces. Mensen die lijden aan een posttraumatisch stress-syndroom houden echter nachtmerries, die vaak zelfs steeds intenser worden. ‘Bij hen gaan de angstdromen zo overheersen, dat ze op den duur de belangrijkste klacht worden,’ zegt Spoormaker. 'Als ze van hun nachtmerries afgeholpen worden, verminderen de andere posttraumatische klachten vaak ook.'

Minder bekend is dat bepaalde medicijnen als bijwerking hebben dat ze nachtmerries kunnen veroorzaken. Berucht zijn in dit verband de bètablokkers tegen hoge bloeddruk en benzodiazepinen ter bestrijding van slaapproblemen. Stoppen met deze middelen kan het probleem snel verhelpen.

Nachtmerries zonder aanwijsbare oorzaak komen heel veel voor en zijn meestal geen probleem. Uit onderzoek blijkt dat stress de frequentie kan verhogen, maar ook dat hoeft niet tot problemen te leiden. Sterker: de angstdromer kan er zijn voordeel mee doen.

Gevraagd naar de voordelen van nachtmerries moet Spoormaker even nadenken: 'Van sommige soorten nachtmerries zou je kunnen zeggen dat ze je op het ergste voorbereiden. De werkelijkheid valt dan al gauw mee. De zwangere vrouw die droomt van een afschuwelijke bevalling zal opgelucht ademhalen als blijkt dat het minder erg is dan ze had gedacht. De spreker die droomt dat hij naakt het podium op moet, zal aangekleed wat makkelijker van wal steken.'

Verder kunnen volgens Spoormaker nachtmerries soms ook nuttig zijn bij het verwerken van een traumatische ervaring. Maar dan alleen als in de dromen de angst langzaam maar zeker afneemt. Want als dat niet gebeurt, gaan de nachtmerries het tegenovergestelde effect sorteren. In plaats van een ervaring te verwerken, worden de gevoelens van angst steeds intenser en gaan ze een eigen leven leiden. In die gevallen worden de nachtmerries een groot probleem. Ze veroorzaken slaapstoornissen, angststoornissen en uiteindelijk beperkingen in het dagelijks leven.

Volgens Spoormaker ontwikkelt een vijfde van de mensen die een zeer traumatische ervaring beleven PTSS. Van hen krijgt 60 procent last van telkens weerkerende nachtmerries die hun leven grondig bederven. Voor deze groep mensen is hij nu bezig een therapie te ontwikkelen die hen in staat stelt het script van hun nachtmerrie zodanig te veranderen dat de angstdroom beter afloopt.

Om greep te krijgen op een nachtmerrie leert Spoormaker de patiënt om lucide te dromen. Om zich tijdens de droom dus bewust te zijn van het feit dat hij droomt, maar toch door te slapen en verder te dromen. Onderzoek heeft uitgewezen dat zo’n lucide droom op drie manieren kan ontstaan.

Om te beginnen kan er in de droom iets opvallends gebeuren waardoor de dromer als het ware bij bewustzijn komt zonder wakker te worden. Verder kan een dromer niet al te diep in slaap vallen en zo lucide blijven. Het kan ook zijn dat de dromer zichzelf als het ware bewust maakt van het feit dat hij droomt.

In alle gevallen kan de lucide dromer op een gegeven moment zelf bepalen welke wending zijn droom neemt. Hij kan als het ware details in het droomscript in zijn voordeel veranderen. Droomt hij bijvoorbeeld dat hij wordt achtervolgd door een enge man in een doodlopende steeg, dan kan hij zich omdraaien en naar believen iets doen wat de achtervolger uitschakelt. Een ideale oplossing om nare dromen toch een goed einde te geven.

De meeste mensen hebben volgens Spoormaker wel eens een lucide droom gehad. Vooral mensen die hun dromen toch al redelijk goed onthouden, leren makkelijker om lucide te dromen. De eerste stap is dan ook om een droomdagboek bij te houden teneinde dromen meer bewust te leren beleven. De rest is een kwestie van mentale conditionering: overdag oefenen wat je ’s nachts tijdens het dromen moet doen om lucide te worden.

Eén zo'n oefening is om overdag regelmatig de werkelijkheid kritisch te observeren. Wie gewend raakt dat te doen, zal het 's nachts ook in zijn dromen toepassen en lucide worden als hem iets vreemds opvalt. Hé, dit is mijn vriendin, maar ze ziet eruit als mijn moeder! Dit moet een droom zijn! Verder zijn er oefeningen om lucide in slaap te vallen. En oefeningen om jezelf in te prenten dat je tijdens je droom moet onthouden dat je aan het dromen bent.

Dit alles zonder opgewonden te raken. Want een heel belangrijke voorwaarde om lucide te kunnen dromen, is om kalm te blijven. Lukt dit niet, dat kan de droom onmiddellijk vervagen en de dromer wordt wakker. Of de dromer is niet meer lucide en heeft geen greep meer op zijn droom. Lucide leren dromen, is niet eenvoudig. Er is veel geduld en oefening voor nodig, waarschuwt Spoormaker. En ook een zeker talent. Spoormaker: 'Iedereen kan het leren, net als pianospelen. Maar de een komt niet verder dan advocaatje-ging-op-reis, terwijl de ander concertpianist wordt.'

Het is volgens hem hoe dan ook de moeite van het proberen waard, zeker voor mensen die geplaagd worden door nachtmerries. Maar ook voor mensen die naast hun echte wereld graag een droomwereld met onbegrensde mogelijkheden voor zichzelf creëren. Spoormaker waarschuwt overigens dat zelfs in zo’n fantasiewereld niet alles gaat zoals je het hebben wilt. 'Dromen blijven bijzonder: je kunt ze wel bijsturen en beïnvloeden, maar nooit helemaal bepalen. Daar zijn ze veel te eigenzinnig voor,' aldus de droomonderzoeker.


Bron: Elsevier
 



Aanmelden

Individuele behandeling bij slaapproblemen

SlaaptrainingChronoMed geeft behandelingen op maat, die gebaseerd zijn op de aard van de klachten, de oorzaak ervan én de factoren die de klachten in stand houden. De therapie is daardoor altijd resultaatgericht en efficiënt.


ChronoMed geeft slaaptraining

WinterdepressieChronoMed geeft slaaptraining. Deze is bedoeld voor mensen met milde slaapklachten, die een individuele behandeling te intensief vinden. De slaaptraining bestaat uit zes bijeenkomsten (vijf plus één follow-up) en wordt gegeven in kleine groepjes..


Ik heb wel eens slaappillen gebruikt



Reslaten inladen, een ogenblik geduld aub


Nieuwsbrief

Copyright © 2017 ChronoMed. Alle rechten voorbehouden | Sitemap
Webdesign:
Webdesign Bureau