Slaapconsult bij de huisarts: wat er gebeurt als je eindelijk aan de bel trekt

Stel je voor: het is half drie ’s nachts en jij ligt weer klaarwakker naar het plafond te staren. Je hebt al geteld, geademd, podcasts geluisterd en nou ja, zelfs de gordijnen opnieuw opgehangen in gedachten. Overdag ben je prikkelbaar, vergeetachtig en je voelt je alsof je constant een jetlag hebt, terwijl je gewoon in Nederland of België woont. En toch denk je: “Ja maar, naar de huisarts voor slaap? Is dat niet een beetje overdreven?” Heel veel mensen blijven veel te lang doorlopen met slaapproblemen. Omdat ze denken dat het er nou eenmaal bij hoort. Of dat ze eerst zelf alles moeten uitproberen voordat ze “lastig gaan doen” bij de huisarts. Terwijl een goed slaapconsult bij de huisarts juist kan helpen om orde in de chaos te brengen: wat is er aan de hand, wat kun je zelf doen, en wanneer is het tijd voor extra onderzoek of een verwijzing. In dit artikel lopen we stap voor stap door hoe zo’n slaapconsult eruit kan zien, welke vragen je kunt verwachten, welke onderzoeken mogelijk zijn en wanneer je huisarts je doorstuurt. Zodat je niet meer onzeker in de wachtkamer zit te piekeren, maar gewoon weet: oké, dit gaat er ongeveer gebeuren.
Written by
Taylor
Published

Waarom een slaapconsult bij de huisarts helemaal niet ‘aanstellen’ is

Veel mensen bagatelliseren hun slaapproblemen. “Iedereen slaapt weleens slecht”, “Het is gewoon druk op werk”, “Het zal de overgang wel zijn”. Klinkt bekend?

Neem Anja, 52 jaar. Ze werd al maandenlang om 4 uur ’s nachts wakker en kon dan niet meer slapen. Overdag maakte ze fouten op haar werk, barstte ze sneller in tranen uit en haar partner merkte dat ze kortaf werd. Toch ging ze pas na een jaar naar de huisarts, omdat ze het idee had dat ze eerst zelf alles moest hebben geprobeerd. Melatonine, kruidenthee, slaapapps, je kent het.

Een huisarts is er niet alleen voor zere knieën en longontsteking. Slaap is een belangrijk onderdeel van je gezondheid. Slecht slapen kan samenhangen met stress, depressie, angst, hart- en vaatziekten, overgang, pijnklachten, ademhalingsproblemen of medicijngebruik. Als je nachten structureel slecht zijn, is een slaapconsult dus net zo logisch als een consult voor aanhoudende hoofdpijn.

Hoe bereid je je voor op een slaapconsult?

Je hoeft echt niet met een compleet onderzoeksdossier aan te komen, maar een beetje voorbereiding helpt wel. Niet om indruk te maken, maar zodat jouw huisarts in korte tijd een goed beeld krijgt.

Handig om vooraf te doen:

  • Schrijf een paar nachten op hoe laat je naar bed gaat, hoe lang je denkt wakker te liggen, hoe vaak je wakker wordt en hoe je je overdag voelt.
  • Noteer medicijnen en supplementen die je gebruikt, inclusief “onschuldige” dingen zoals melatonine of kruidensupplementen.
  • Bedenk sinds wanneer je slaapproblemen spelen en of er iets is gebeurd rond het begin: stress, verlies, ziekte, verhuizing, ploegendienst.

Tom, 34 jaar, kwam bij de huisarts omdat hij steeds omvalt van de slaap overdag. Hij dacht dat hij gewoon “lui” was en te weinig discipline had. Toen zijn huisarts vroeg hoe lang dit al speelde, realiseerde hij zich dat het langzaam erger was geworden sinds hij in ploegendienst werkte. Door dat samen op een rij te zetten, werd het plaatje ineens veel duidelijker.

Je hoeft het niet perfect bij te houden. Een paar steekwoorden op je telefoon zijn al beter dan in de spreekkamer pas proberen alles terug te halen.

Wat vraagt de huisarts tijdens een slaapconsult?

Een slaapconsult voelt vaak een beetje als een puzzel. De huisarts probeert met gerichte vragen uit te zoeken: waar zit het probleem precies?

Je kunt vragen verwachten over:

  • Inslapen: hoe lang lig je meestal wakker voordat je in slaap valt?
  • Doorslapen: word je vaak wakker? Hoe lang ben je dan wakker?
  • Te vroeg wakker worden: word je veel te vroeg wakker en kun je dan niet meer slapen?
  • Kwaliteit van de slaap: voelt je slaap onrustig, oppervlakkig, droom je veel?
  • Overdag: ben je slaperig, prikkelbaar, vergeetachtig, heb je concentratieproblemen?
  • Leefstijl: cafeïne, alcohol, schermgebruik, sporten, ploegendienst.
  • Psychische factoren: stress, piekeren, angst, somberheid.
  • Lichamelijke klachten: nachtelijk plassen, pijn, benauwdheid, hartkloppingen, reflux.

Soms stelt de huisarts vragen die je misschien wat persoonlijk vindt. Bijvoorbeeld over alcoholgebruik, relatieproblemen of seksuele klachten. Niet om te gluren in je privéleven, maar omdat dat soort dingen je nachtrust behoorlijk kunnen verstoren.

Lichamelijk onderzoek: wordt er altijd ‘gekeken en gevoeld’?

Niet bij iedereen is lichamelijk onderzoek nodig, maar vaak bekijkt de huisarts toch even het totaalplaatje. Denk aan:

  • Bloeddruk meten
  • Gewicht en soms je nekomtrek (bij verdenking op slaapapneu)
  • Luisteren naar hart en longen
  • Eventueel kijken in keel en neus

Bij iemand met snurken, ademstops en forse slaperigheid overdag, zoals bij Peter, 47 jaar, met overgewicht en hoge bloeddruk, kan de huisarts meteen denken aan slaapapneu. Dan wordt lichamelijk onderzoek een belangrijk onderdeel van het consult.

Bij een jonge vrouw met vooral piekeren, spanning in het lijf en geen lichamelijke klachten, ligt de nadruk misschien meer op het gesprek dan op het onderzoek. Het consult wordt dus echt afgestemd op jouw verhaal.

Wanneer vraagt de huisarts bloedonderzoek of andere testen aan?

Soms is er meer nodig dan alleen praten en kijken. De huisarts kan bijvoorbeeld bloedonderzoek aanvragen als er een vermoeden is op:

  • Schildklierproblemen
  • Bloedarmoede
  • Vitamine B12- of D-tekort
  • Ontstekingen of andere lichamelijke aandoeningen

Bij ernstige slaperigheid overdag, snurken of ademstops kan de huisarts denken aan slaapapneu. Dan kan een slaaponderzoek in een slaapcentrum of thuisregistratie worden aangevraagd. Dat gebeurt meestal via een verwijzing naar een longarts of KNO-arts.

Voor mensen met onrustige benen, nachtelijke spierbewegingen of rare gedragingen in de slaap (praten, schoppen, uit bed lopen) kan een verwijzing naar een neuroloog of slaapcentrum aan de orde zijn.

Wat kan de huisarts zelf doen aan je slaapproblemen?

Misschien verwacht je: “Ik krijg vast direct een slaappil.” In de praktijk ligt dat vaak anders. Huisartsen zijn, terecht, voorzichtig met slaapmedicatie. Dat betekent niet dat je met lege handen naar huis gaat.

1. Slaapadvies dat verder gaat dan “geen schermen in bed”

Ja, je krijgt waarschijnlijk ook de bekende adviezen over vaste bedtijden, geen koffie laat op de dag en je telefoon eerder wegleggen. Maar een goed slaapconsult gaat verder. Denk aan:

  • Samen kijken naar jouw ritme: ben je een avondmens dat elke dag te vroeg moet opstaan?
  • Bespreken hoe je met piekergedachten omgaat: blijf je in bed liggen malen of sta je even op?
  • Omgaan met “slaapangst”: die stress van “als ik nu niet slaap, ben ik morgen niks waard”.

Bij chronische slapeloosheid kan de huisarts je uitleggen hoe cognitieve gedragstherapie voor insomnia (CGT-I) werkt. Dat is een vorm van therapie waarbij je leert anders met slaap, gedachten en gewoontes om te gaan. Soms kan dat via een praktijkondersteuner GGZ of een online programma.

2. Behandeling van onderliggende oorzaken

Slaapproblemen zijn vaak een signaal, geen op zichzelf staand eiland. Als je slecht slaapt door:

  • Depressieve klachten
  • Angst of paniek
  • Burn-out of langdurige stress
  • Pijnklachten of chronische ziekte

...dan zal de huisarts daar ook naar kijken. Het kan betekenen dat er een gesprek volgt over werkdruk, thuissituatie, rouw, of dat je wordt doorverwezen naar de praktijkondersteuner GGZ, psycholoog, fysiotherapeut of een andere specialist.

Soms is het aanpassen van medicatie al een grote stap. Bepaalde middelen voor bloeddruk, depressie, ADHD of pijn kunnen je slaap flink verstoren. Dan kijkt de huisarts of de dosering of het tijdstip aangepast kan worden, of dat er een alternatief is.

3. Slaapmedicatie: wanneer wel, wanneer niet?

De meeste huisartsen zijn terughoudend met slaapmedicatie zoals benzodiazepines (bijvoorbeeld temazepam of oxazepam). Je went er snel aan, de werking neemt af en het risico op verslaving is reëel. Toch kan een huisarts in sommige situaties tijdelijk slaapmedicatie voorschrijven, bijvoorbeeld:

  • Bij een korte, zeer stressvolle periode, zoals direct na een ingrijpend verlies
  • Bij een eenmalige gebeurtenis, zoals een belangrijke vlucht na een slapeloze nacht

Maar: altijd kortdurend en met een plan. Dus niet: “Hier heb je een herhaalrecept, succes ermee”, maar eerder: “We doen dit maximaal een paar nachten en dan evalueren we, ondertussen werken we aan andere dingen.”

Er zijn ook andere middelen, zoals bepaalde antidepressiva in lage dosering, die soms worden ingezet bij langdurige slaapproblemen in combinatie met stemmingsklachten. Dat gebeurt altijd in overleg, met uitleg over voor- en nadelen.

Wanneer stuurt de huisarts je door naar een specialist?

Niet iedereen met slaapproblemen hoeft naar een slaapcentrum. Maar er zijn situaties waarin de huisarts wél denkt: hier is extra expertise nodig.

Denk bijvoorbeeld aan:

  • Vermoeden op slaapapneu: veel snurken, ademstops, forse slaperigheid overdag, ochtendhoofdpijn, hoge bloeddruk.
  • Vermoeden op narcolepsie: plotseling in slaap vallen overdag, spierverslapping bij emoties, rare droom- en waakervaringen.
  • Ernstige onrustige benen of nachtelijke spierbewegingen die je slaap volledig verstoren.
  • Gedragsproblemen in de slaap: uit bed lopen, schoppen, agressie in de slaap, verwondingen.

De huisarts kan je dan verwijzen naar een longarts, neuroloog, KNO-arts of een gespecialiseerd slaapcentrum. In Nederland vind je informatie over slaaponderzoek en slaapstoornissen bijvoorbeeld via Thuisarts.nl en de Hersenstichting.

Hoe eerlijk mag je zijn tijdens zo’n consult?

Kort antwoord: volledig. Hoe eerlijker jij bent, hoe beter de huisarts je kan helpen. Het heeft weinig zin om te zeggen dat je “af en toe” drinkt, als dat in werkelijkheid elke avond drie glazen wijn zijn. Of om te verzwijgen dat je soms kalmeringspillen van een vriend(in) leent om te kunnen slapen.

Huisartsen zijn wel wat gewend. Ze schrikken echt niet van iemand die toegeeft tot diep in de nacht te scrollen, of die af en toe cannabis gebruikt om rustig te worden. Liever eerlijk op tafel, dan dat jullie samen aan de verkeerde knoppen draaien.

Wat als je huisarts het probleem lijkt te bagatelliseren?

Het gebeurt helaas: iemand vertelt over maandenlange slaapproblemen en krijgt te horen “Ach, dat hoort erbij” of “Probeer wat minder op je telefoon te zitten”. Dat voelt niet fijn, zeker niet als je al moe en kwetsbaar binnenkwam.

Je mag dan best duidelijk zijn. Bijvoorbeeld:

  • Uitleggen wat het concreet met je dagelijks leven doet: fouten op werk, bijna in slaap vallen in de auto, huilbuien, relatieproblemen.
  • Vragen: “Zou u met mij mee willen kijken of er misschien meer speelt dan alleen ‘even slecht slapen’?”
  • Vragen of er een vervolgafspraak kan worden gemaakt om er uitgebreider op in te gaan.

Je kunt ook aangeven dat je graag samen een plan wilt maken: wat kan ik zelf doen, wat gaat u doen, en wanneer evalueren we? Dat maakt het minder vaag en geeft jou houvast.

Als je je structureel niet gehoord voelt, kun je overwegen een andere huisarts in de praktijk te vragen of een second opinion. Maar vaak helpt een eerlijk gesprek al een heel stuk.

Wat kun je zelf alvast doen, los van het consult?

Een slaapconsult is geen toverstafje. Het is eerder een startpunt. Er zijn dingen die bijna altijd helpen om je slaaphygiëne te verbeteren, óók als er uiteindelijk een medische oorzaak blijkt te zijn.

Denk aan:

  • Een redelijk vaste bedtijd en opsta-tijd, ook in het weekend.
  • Cafeïne beperken na de middag.
  • Alcohol niet gebruiken als “slaapmiddel” (je valt sneller in slaap, maar slaapt onrustiger en wordt vaker wakker).
  • Een rustig avondritueel: schermen op tijd uit, wat lezen, douchen, rustige muziek.
  • Niet uren wakker in bed liggen. Als je na ongeveer 20-30 minuten nog klaarwakker bent, even uit bed, iets rustigs doen en terug als je weer slaperig wordt.

Op sites als Thuisarts.nl en Gezondheidsnet vind je praktische uitleg en tips in begrijpelijke taal.

Wanneer is het tijd om echt een afspraak te maken?

Als je twijfelt of je “wel erg genoeg” last hebt, kun je dit als grove vuistregel gebruiken:

  • Je slaapt al langer dan een paar weken slecht, zonder duidelijke tijdelijke oorzaak.
  • Je functioneren overdag lijdt eronder: werk, studie, aandacht, humeur, relaties.
  • Je gebruikt (stiekem) middelen om te slapen of wakker te blijven.
  • Je partner maakt zich zorgen over je ademhaling, rare bewegingen of gedrag in de nacht.

Herken je jezelf in een of meer van deze punten? Dan is een slaapconsult bij de huisarts geen luxe, maar gewoon verstandig. Je hoeft niet eerst “op je tandvlees” te lopen voordat je mag aankloppen.


Veelgestelde vragen over het slaapconsult bij de huisarts

Doet de huisarts meteen iets bij de eerste afspraak, of is het vooral praten?

Meestal is de eerste afspraak vooral bedoeld om jouw verhaal goed te begrijpen. Maar dat betekent niet dat er “niets gebeurt”. Je kunt al direct uitleg krijgen, eerste adviezen, soms bloedonderzoek of een vervolgafspraak. Bij duidelijke aanwijzingen voor bijvoorbeeld slaapapneu kan de huisarts ook meteen nadenken over een verwijzing.

Krijg ik standaard slaapmedicatie als ik slecht slaap?

Nee. In Nederland en België zijn huisartsen terughoudend met slaapmedicatie, omdat je er snel aan went en er risico’s aan zitten. Medicatie kan soms tijdelijk worden ingezet, maar meestal wordt eerst gekeken naar leefstijl, onderliggende oorzaken en eventueel therapie gericht op slaap.

Moet ik een slaapdagboek bijhouden voordat ik naar de huisarts ga?

Het hoeft niet, maar het helpt wel. Een paar dagen tot een week noteren hoe laat je naar bed gaat, hoe lang je wakker ligt, hoe vaak je wakker wordt en hoe je je overdag voelt, geeft de huisarts een beter beeld. Je kunt ook na het eerste consult samen besluiten om een slaapdagboek bij te houden.

Kan ik ook naar de huisarts als ik “alleen maar” snurk?

Ja, zeker als je partner merkt dat je adem soms stokt, je heel moe bent overdag of ochtendhoofdpijn hebt. Snurken kan onschuldig zijn, maar het kan ook passen bij slaapapneu. De huisarts kan helpen inschatten of verder onderzoek nodig is.

Waar kan ik zelf betrouwbare informatie vinden over slaapproblemen?

Voor Nederland zijn Thuisarts.nl en RIVM goede startpunten. Voor informatie over hersenen en slaapstoornissen kun je kijken op de site van de Hersenstichting. Ook op Belgische gezondheidswebsites van ziekenhuizen of overheid vind je vaak duidelijke info over slaap en gezondheid.


Een slaapconsult bij de huisarts is eigenlijk gewoon een gesprek over iets wat we allemaal doen: slapen. Alleen doe jij het misschien al een tijd met veel meer moeite dan nodig. Je hoeft het niet eerst jaren uit te zingen met halve nachten en hele dagen moe zijn. De drempel voelt soms hoog, maar de kans is best wel groot dat je na dat consult denkt: had ik dit maar eerder gedaan.

Explore More Hulpverleners

Discover more examples and insights in this category.

View All Hulpverleners