Apneu-test thuis: slapen met draadjes, maar in je eigen bed

Stel je voor: je partner zegt al maanden dat je snurkt als een kettingzaag, je wordt elke ochtend brak wakker en halverwege de dag knik je bijna in elkaar achter je laptop. Je denkt: tja, ik slaap gewoon slecht. Maar wat als je adem eigenlijk telkens stokt in je slaap? Steeds meer mensen ontdekken dat hun klachten niet "gewoon vermoeidheid" zijn, maar slaapapneu. En het opvallende is: de diagnose wordt tegenwoordig vaak niet meer in een ziekenhuisbed gesteld, maar gewoon bij je thuis. Met een apneu-test thuis, ook wel een thuis-slaaponderzoek of poly(somno)grafie thuis genoemd, slaap je in je eigen slaapkamer terwijl een klein kastje alles registreert wat er gebeurt als jij wegzakt. Dat klinkt best wel technisch en eerlijk gezegd ook een beetje eng. Slapen met slangetjes en sensoren op je lijf, hoe relaxt is dat? In dit artikel neem ik je stap voor stap mee door hoe zo'n apneu-test thuis werkt, voor wie het zinvol is, wat je wél en niet mag verwachten van de uitslag en wanneer een slaapcentrum alsnog kiest voor een onderzoek in het ziekenhuis. Zonder medische hocus pocus, maar met eerlijke uitleg over wat je te wachten staat.
Written by
Jamie
Published
Updated

Waarom steeds meer mensen een apneu-test thuis doen

Slaapapneu komt vaker voor dan veel mensen denken. Volgens verschillende Nederlandse slaapcentra heeft een aanzienlijk deel van de volwassenen in meer of mindere mate last van ademstops tijdens de slaap. Veel mensen lopen er jaren mee rond. Ze denken dat hun moeheid door stress komt, of door “gewoon ouder worden”.

Artsen en slaapcentra schuiven daarom vaker een apneu-test naar voren, en dan bij voorkeur thuis. Niet omdat dat gezelliger is, maar omdat het in de praktijk een paar duidelijke voordelen heeft:

  • Je slaapt in je eigen vertrouwde omgeving
  • De wachtlijsten voor thuisonderzoek zijn vaak korter dan voor een volledig slaaponderzoek in het ziekenhuis
  • Het is goedkoper en organisatorisch eenvoudiger

Neem Erik, 52 jaar. Hij reed regelmatig bijna de berm in op de A2, zo slaperig was hij overdag. Zijn huisarts dacht aan slaapapneu en verwees hem naar een slaapcentrum. In plaats van meteen een nacht in het ziekenhuis, kreeg hij een apneu-registratieset mee naar huis. Eén nacht slapen met sensoren, kastje de volgende ochtend inleveren, en een week later zat hij met de uitslag bij de longarts.

Wat gebeurt er nou eigenlijk tijdens zo’n apneu-test thuis?

Een apneu-test thuis is in de basis een meetnacht. Je draagt een klein kastje met een aantal sensoren die je ademhaling, zuurstofgehalte en slaaphouding registreren. Afhankelijk van het type onderzoek en de afspraken in het slaapcentrum kunnen er iets meer of iets minder dingen gemeten worden.

In grote lijnen gaat het om:

  • Luchtstroom: via een slangetje of neuskannule bij je neus
  • Ademarbeid: band om je borst en soms ook om je buik
  • Zuurstofgehalte in je bloed: via een sensor op je vinger (saturatiemeter)
  • Hartslag: meestal via dezelfde sensor
  • Slaaphouding: via een sensor in het kastje of aparte houding-sensor
  • Soms ook: snurkgeluid via een microfoon of trilsensor

Bij een wat uitgebreidere thuisstudie (thuis-polysomnografie) kunnen er ook elektroden op je hoofd en bij je ogen worden geplakt om je hersenactiviteit en oogbewegingen te meten. Dat lijkt meer op een klassiek slaaponderzoek in het ziekenhuis, maar dan verplaatst naar je eigen slaapkamer.

Hoe ziet zo’n avond er dan uit?

In de praktijk gaat het vaak zo:

Je komt eind van de middag of begin van de avond naar het slaapcentrum of ziekenhuis. Een laborant legt rustig uit wat er gemeten wordt en hoe je de apparatuur omdoet. Soms word je helemaal aangesloten op locatie, soms leer je hoe je het thuis zelf moet doen.

Je gaat naar huis met:

  • Een klein kastje (recorder) dat je om je middel of over je schouder draagt
  • Een neusslangetje
  • Eén of twee banden voor om je borst/buik
  • Een vingerclip voor zuurstofmeting
  • Eventueel enkele plakkers op je borst of hoofd

Thuis probeer je zoveel mogelijk je normale routine aan te houden. Dus niet ineens om 20.00 uur naar bed als je normaal pas om 23.30 uur gaat. Je doet de sensoren om volgens de instructie, drukt op de startknop en gaat slapen. Nou ja, proberen te slapen.

Veel mensen zijn bang dat ze met al die draden geen oog dicht doen. In de praktijk valt dat meestal mee. En zelfs als je minder goed slaapt dan normaal, kan de registratie vaak toch voldoende informatie geven. Je hoeft niet perfect te slapen voor een bruikbare meting.

De volgende ochtend haal je alles af, zet je het kastje uit en breng je het terug. Daarna begint het echte werk pas: de analyse.

Waar kijkt de arts precies naar in de uitslag?

De kern van een apneu-test thuis is het opsporen van ademstops en ademhalingsbeperkingen tijdens de slaap. De arts of laborant telt onder meer:

  • Hoe vaak je adem stopt of flink vermindert per uur slaap
  • Hoe lang die ademstops duren
  • Hoe ver je zuurstofgehalte daalt tijdens die events
  • In welke houding het vooral gebeurt (rug, zij)
  • Of het patroon past bij obstructief slaapapneu, centraal slaapapneu of een mengvorm

Een belangrijke uitkomstmaat is de AHI: de Apneu Hypopneu Index. Dat is het gemiddelde aantal ademstops (apneus) en bijna-ademstops (hypopneus) per uur slaap.

Globaal wordt vaak aangehouden:

  • 5 tot 15 events per uur: milde slaapapneu
  • 15 tot 30 events per uur: matige slaapapneu
  • Meer dan 30 events per uur: ernstige slaapapneu

Dat is een versimpeling, want artsen kijken ook naar je klachten, je zuurstofdalingen, je leeftijd, je beroep (vrachtwagenchauffeur of chirurg is toch net een ander verhaal dan thuiswerkende tekstschrijver) en je algehele gezondheid.

Neem Fatima, 44 jaar. Ze had “maar” een AHI van 11, dus volgens de cijfers milde apneu. Maar ze had forse slaperigheid overdag, concentratieproblemen en een flink verhoogde bloeddruk. Voor haar werd behandeling toch sterk aangeraden.

Thuisonderzoek is handig, maar niet heilig

Het is verleidelijk om te denken: als ik een apneu-test thuis heb gedaan, dan weet ik alles over mijn slaap. Helaas, zo werkt het net niet.

Een thuis-apneutest heeft sterke punten, maar ook beperkingen:

Pluspunten:

  • Je ademhaling en zuurstofgehalte worden redelijk betrouwbaar gemeten
  • Het is representatiever voor je normale slaapomgeving
  • De drempel is lager dan een nacht in een vreemd ziekenhuisbed

Minpunten:

  • Vaak wordt je slaap zelf niet gemeten (geen EEG), dus er wordt geschat hoeveel je geslapen hebt
  • Subtielere slaapstoornissen (bijvoorbeeld periodieke beenbewegingen, narcolepsie) worden meestal niet gezien
  • Als de sensor verschuift of loslaat, kunnen delen van de nacht onbruikbaar zijn

Dat betekent ook dat een “normale” uitslag niet altijd betekent dat er niets aan de hand is. Als je klachten heel duidelijk zijn, kan een slaaparts besluiten om toch nog een uitgebreider onderzoek in het slaapcentrum te doen.

Wanneer kiest een arts voor een apneu-test thuis?

Huisartsen en specialisten denken bij een apneu-test thuis vooral aan mensen met een redelijk duidelijke verdenking op slaapapneu. Typische signalen zijn bijvoorbeeld:

  • Hard en onregelmatig snurken
  • Adempauzes die door een partner worden gezien of gehoord
  • Niet uitgerust wakker worden, ondanks genoeg uren in bed
  • Slaperigheid overdag, dutjes op ongepaste momenten
  • Concentratieproblemen, prikkelbaarheid, ochtendhoofdpijn
  • Overgewicht, hoge bloeddruk, diabetes type 2 of hart- en vaatziekten

Zeker als iemand daarnaast man is, boven de 40, wat zwaarder en met een dikkere nekomvang, gaat er bij veel artsen een alarmbelletje rinkelen. Maar vrouwen hebben óók slaapapneu, vaak met net iets andere klachten. Meer vermoeidheid, minder klassiek snurken. Daardoor wordt het bij hen vaker gemist.

Een apneu-test thuis is dan een relatief laagdrempelige manier om te kijken of er echt ademstops zijn.

Wanneer is thuisonderzoek juist minder handig?

Een arts zal eerder kiezen voor een slaaponderzoek in het ziekenhuis als:

  • Er ook verdenking is op andere slaapstoornissen naast apneu
  • Iemand een neurologische aandoening heeft waarbij meer metingen nodig zijn
  • Eerdere thuisonderzoeken onduidelijk of technisch mislukt waren
  • Er bij kinderen gemeten moet worden (zij krijgen vaker een ziekenhuisstudie)

In die situaties is de kans groot dat je een volledige polysomnografie krijgt met veel meer sensoren, direct bewaakt in het slaapcentrum.

Hoe bereid je je voor op een apneu-test thuis?

Je hoeft geen heel ritueel uit te voeren, maar een paar praktische dingen helpen wel.

De dag van het onderzoek:

  • Drink liever geen alcohol, dat beïnvloedt je ademhaling en slaapstructuur
  • Beperk cafeïne in de avond, zodat je niet kunstmatig wakker blijft
  • Was je huid (borst, gezicht) zonder vettige crèmes, plakkers hechten dan beter
  • Draag loszittende nachtkleding waar banden makkelijk overheen kunnen

Als je normaal medicijnen gebruikt, blijf je daar gewoon mee doorgaan, tenzij de arts uitdrukkelijk iets anders zegt. Neem een lijstje van je medicatie mee naar het slaapcentrum.

Thuis is het handig om alvast een spiegel klaar te zetten in de slaapkamer, zodat je kunt checken of alles goed zit. En reken erop dat je de eerste keer even staat te klooien met slangetjes en bandjes. Dat is normaal.

Hoe voelt het, eerlijk gezegd, om met dat spul te slapen?

De meeste mensen zeggen achteraf: “Het viel eigenlijk mee.” De eerste 10 tot 20 minuten in bed ben je je enorm bewust van elk draadje. Je denkt: als ik me nu omdraai, trek ik alles los. Maar je went er sneller aan dan je denkt.

Een paar dingen die mensen vaak merken:

  • De neusslang prikt of kriebelt in het begin
  • De borstband kan wat strak aanvoelen
  • De vingerclip kan een beetje irriteren als je er de hele nacht mee ligt

Maar je mag gewoon op je zij, rug of buik liggen, tenzij anders is afgesproken. Als er toch iets losraakt, is dat meestal niet meteen einde oefening. De slaapanalist ziet later precies welk deel van de nacht goed gemeten is.

Neem Karin, 39 jaar. Ze was ervan overtuigd dat ze geen oog dicht zou doen met het kastje. Uiteindelijk sliep ze korter dan normaal, maar toch genoeg om een duidelijke diagnose te stellen: matige obstructieve slaapapneu. Haar angst voor het onderzoek bleek achteraf groter dan het onderzoek zelf.

Wat gebeurt er na de apneu-test thuis?

Na het inleveren van de apparatuur wordt de opname uitgelezen en beoordeeld door een slaaplaborant en een arts, vaak een longarts, KNO-arts of neuroloog met aandachtsgebied slaap.

Daarna zijn er grofweg drie scenario’s:

  1. Er is duidelijke slaapapneu

    • De arts bespreekt met je wat voor type apneu het is (obstructief, centraal, gemengd)
    • Er wordt gekeken naar de ernst en je klachten
    • Je krijgt uitleg over behandelmogelijkheden, zoals CPAP, een MRA-beugel, gewichtsverlies, slaappositietraining of soms een operatie
  2. Er is geen of nauwelijks apneu

    • De arts bespreekt andere mogelijke oorzaken van je klachten
    • Soms wordt aanvullend onderzoek geadviseerd, bijvoorbeeld een uitgebreidere slaapstudie
  3. De meting is niet goed beoordeelbaar

    • Bijvoorbeeld omdat te veel sensoren los zaten of er te weinig slaap lijkt te zijn geweest
    • Dan wordt het onderzoek soms herhaald, thuis of in het slaapcentrum

Belangrijk om te weten: de uitslag is geen keihard vonnis. Het is een puzzelstuk in het grotere plaatje van jouw gezondheid. Een milde apneu bij iemand zonder klachten is iets anders dan dezelfde uitslag bij iemand met hartproblemen en forse slaperigheid.

Wanneer moet je zelf aan de bel trekken bij je huisarts?

Je hoeft echt niet te wachten tot je partner je letterlijk wakker schudt omdat je stopt met ademen. Als je jezelf herkent in een combinatie van:

  • Hard snurken
  • Niet uitgerust wakker worden
  • Slaperigheid overdag
  • Concentratieproblemen of geheugenklachten
  • Hogere bloeddruk of onverklaarbare gewichtstoename

dan is het verstandig om het gesprek aan te gaan met je huisarts. Zeg er gerust bij dat je je afvraagt of slaapapneu een rol speelt. Dat is geen zelfdiagnose, maar een signaal. De huisarts kan dan gerichter vragen stellen en zo nodig verwijzen voor een apneu-test thuis of een ander slaaponderzoek.

Op sites als Thuisarts en Gezondheidsnet vind je begrijpelijke informatie over slaapapneu en mogelijke klachten. Dat kan helpen om je gesprek met de huisarts voor te bereiden.

Veelgestelde vragen over een apneu-test thuis

Doet een apneu-test thuis pijn?

Nee, het onderzoek is niet pijnlijk. Het kan wel wat ongemakkelijk zijn. De plakkers kunnen je huid een beetje irriteren en de banden of slangetjes kunnen in het begin onwennig voelen. Maar er wordt niets geprikt of ingespoten.

Kan ik gewoon blijven werken rond de testnacht?

Ja. De meeste mensen gaan gewoon naar hun werk, zowel de dag ervoor als de dag erna. Als je al erg slaperig bent in het dagelijks leven, is het wel verstandig om kritisch te kijken naar bijvoorbeeld autorijden. Bespreek dat eventueel met je arts.

Is één nacht meten wel genoeg?

Meestal wel. Bij slaapapneu is één representatieve nacht vaak voldoende om een duidelijk beeld te krijgen. Als de nacht heel afwijkend was, of de meting technisch niet goed is gelukt, kan de arts besluiten het onderzoek te herhalen.

Wat als ik door de spanning nauwelijks slaap?

Dat komt best vaak voor. Gelukkig heb je niet een perfecte nacht nodig. Zolang je maar een aantal uren slaap hebt, kan de arts vaak genoeg informatie halen uit de periodes waarin je wél sliep. Als er echt bijna geen slaap is geweest, wordt dat meestal in de rapportage vermeld en kan een herhaling nodig zijn.

Waar vind ik betrouwbare informatie over slaaponderzoek?

Voor Nederlandstalige informatie kun je onder andere kijken op:

Deze sites leggen helder uit wat slaapapneu is, welke gevolgen het kan hebben en welke vormen van onderzoek en behandeling er zijn.

Samengevat: meten in je slaap, maar dan thuis

Een apneu-test thuis is eigenlijk een slimme tussenweg. Je krijgt serieuze medische metingen, maar dan in je eigen bed. Het is geen perfect onderzoek dat álles over je slaap vertelt, maar het is wel een krachtig instrument om slaapapneu op te sporen of uit te sluiten.

Als je al tijden moe wakker wordt, regelmatig bijna in slaap valt overdag of je partner klaagt dat je snurkt en soms lijkt te stoppen met ademen, dan is het echt de moeite waard om dit niet weg te wuiven. Een gesprek met je huisarts en eventueel een apneu-test thuis kunnen behoorlijk wat duidelijk maken. En soms, heel simpel, je leven een stuk langer en vooral wakkerder maken.

Explore More Slaaponderzoek

Discover more examples and insights in this category.

View All Slaaponderzoek