Borstvoeding en slaap: waarom het zo anders loopt dan je dacht

Stel je voor: je ligt eindelijk in bed, baby heeft gedronken, je denkt "oké, nu kunnen we allebei slapen"... en twintig minuten later begint het hele circus weer van voren af aan. Herkenbaar? Je bent zeker niet de enige. Borstvoeding en slaap zijn zo met elkaar verweven dat het soms voelt alsof je óf een drinkende baby hebt, óf een slapende baby - maar nooit allebei op een manier die voor jou ook nog een beetje prettig is. Je hoort verhalen over baby’s die met zes weken al “doorslapen”, maar ondertussen zit jij om 03:17 uur met een kleintje aan de borst te googelen of dit ooit nog normaal wordt. In dit artikel neem ik je stap voor stap mee door wat er nou eigenlijk gebeurt met slaap als je borstvoeding geeft. Niet vanuit het roze-wolk-perspectief, maar zoals het in echte huiskamers gaat: met gebroken nachten, twijfel, soms tranen, soms trots en gelukkig ook momenten waarop je denkt: hé, dit gaat best wel lekker zo. En we gaan het hebben over iets waar te weinig over gepraat wordt: jouw slaap. Want ja, die telt óók.
Written by
Taylor
Published
Updated

Als je zwanger bent, krijg je vaak twee tegenstrijdige boodschappen. Aan de ene kant: “Borstvoeding is het beste, natuurlijk, prachtig.” Aan de andere kant: “Geniet nog maar van je slaap nu het nog kan.” Alsof die twee niet samen kunnen gaan.

De realiteit? Borstvoeding en slaap beïnvloeden elkaar de hele dag door. De hormonen die je lichaam maakt om melk te produceren, hebben invloed op jouw slaap. De manier waarop je baby drinkt, heeft invloed op zijn of haar ritme. En jouw vermoeidheid heeft weer invloed op hoe de borstvoeding loopt. Het is één groot systeem.

Neem Lisa, net moeder van haar eerste kind. Ze had gelezen dat borstvoeding ’s nachts handig is, omdat je dan sneller weer in slaap valt. Klinkt mooi, dacht ze. In de praktijk zat ze om het uur rechtop in bed, baby aan de borst, partner snurkend naast haar. Ze vroeg zich af: “Doe ik iets fout?” Het korte antwoord: nee. Het lange antwoord volgt hieronder.

Wat borstvoeding met de slaap van je baby doet

Sneller wakker, maar vaak ook sneller weer in slaap

Baby’s die borstvoeding krijgen, worden gemiddeld wat vaker wakker dan baby’s die kunstvoeding krijgen. Dat heeft een paar redenen:

  • Moedermelk wordt sneller verteerd, dus je baby heeft sneller weer honger.
  • Jonge baby’s hebben sowieso nog geen dag-nachtritme, of ze nou borst- of flesvoeding krijgen.
  • Bij borstvoeding is de borst vaak niet alleen voeding, maar ook troost, geur, warmte en veiligheid.

Dat betekent: vaker wakker, ja. Maar ook: vaak sneller weer in slaap na een korte voeding of gewoon even sabbelen. Veel ouders merken dat een baby aan de borst vaak binnen een paar minuten weer wegzakt.

Dag- en nachtmelk: je lichaam is slimmer dan je denkt

Wat veel mensen niet weten: de samenstelling van je melk verandert gedurende de dag. ’s Avonds en ’s nachts bevat je melk meer melatonine-achtige stoffen en bepaalde vetten die helpen bij slaperigheid en het rijper worden van het slaap-waakritme. Je geeft je baby dus niet alleen voeding, maar ook informatie: “Het is nacht, kleintje.”

Dat is een van de redenen waarom sommige baby’s die borstvoeding krijgen, op de langere termijn een best wel stabiel slaapritme ontwikkelen, ook al zijn de eerste maanden behoorlijk pittig.

Clusteren, regeldagen en andere “slaapmoordenaars”

Die avonden waarop je baby elk uur of zelfs elk half uur aan de borst wil? Dat is vaak clusteren: een periode waarin je baby in korte tijd vaker drinkt. Vaak zie je dit rond groeispurtmomenten of regeldagen. Voor jouw nachtrust voelt het als sabotage, maar voor je baby is het gewoon: voorraad opbouwen voor de nacht, troost zoeken, bijtanken.

Het lastige is dat niemand er van tevoren bij zegt: dit hoort erbij. Dus je zit op de bank met een baby die maar niet los wil laten en denkt: “Ik verwen hem” of “Mijn melk is vast niet voedzaam genoeg.” Terwijl het meestal gewoon normaal gedrag is.

En jij dan? Wat borstvoeding doet met jouw slaap

Hormonen die helpen - en hormonen die je slopen

Tijdens het voeden maak je onder andere prolactine en oxytocine aan. Die zorgen voor melkproductie en toeschietreflex, maar ze maken je ook slaperig en vaak wat rustiger. Daardoor val je na een nachtvoeding soms makkelijker weer in slaap dan wanneer je midden in de nacht een fles zou moeten klaarmaken en opwarmen.

Maar er is ook de andere kant. Je slaapt gefragmenteerd: steeds korte stukjes, zelden lange blokken achter elkaar. Dat tikt aan. Zeker als je overdag weinig gelegenheid hebt om bij te slapen, bijvoorbeeld omdat er nog een peuter rondloopt of omdat je te snel weer bent gaan werken.

Veel vrouwen merken na een paar weken of maanden: het is niet één nacht die zwaar is, het is het optellen van alle nachten. Je kunt dan dingen gaan vergeten, sneller huilen, je prikkelbaar voelen, of je simpelweg niet meer jezelf voelen.

De mentale last: jij hoort alles

Zelfs als je partner ’s nachts helpt, blijft er vaak een mentale last bij de borstvoedende ouder. Je ligt half te slapen, maar je oren staan “aan": huilen, onrust, sabbelgeluidjes, je hoort het allemaal. Het idee dat jij degene bent met de melk, maakt dat je vaak toch zelf opstaat, zelfs als iemand anders ook zou kunnen troosten.

En dan is er nog het stemmetje in je hoofd: “Ik moet goed eten, genoeg drinken, genoeg rust nemen, anders gaat de melkproductie achteruit.” Dat kan ervoor zorgen dat je nog meer druk voelt rondom slaap.

Moet je baby doorslapen? De mythe van de magische 8 uur

Er wordt veel gepraat over “doorslapen”. Maar wat is dat eigenlijk? Veel mensen denken aan 8 uur achter elkaar. In de praktijk wordt in de babywereld vaak alles boven de 5 à 6 uur als doorslapen gezien. En dan nog: niet elke baby doet dat, ook niet op kunstvoeding.

Baby’s zijn biologisch gezien gemaakt om regelmatig wakker te worden. Dat is onder andere een soort ingebouwd beschermingsmechanisme tegen wiegendood: diepe, lange slaap is voor jonge baby’s juist niet altijd gunstig. Dat maakt het voor jou niet minder vermoeiend, maar het helpt soms wel om te weten dat jouw baby niet “kapot” is als hij op 7 maanden nog steeds 2 keer per nacht wil drinken.

Neem Sam, 8 maanden, borstvoeding op verzoek. Zijn moeder kreeg constant te horen: “Hij is nu toch wel toe aan doorslapen?” Terwijl Sam vrolijk groeide, zich goed ontwikkelde en meestal na een korte voeding weer rustig in slaap viel. Het echte probleem was niet Sam, maar de verwachting van de omgeving.

Kun je borstvoeding combineren met slaaptraining?

Hier wordt veel spanning over gevoeld. Alsof je moet kiezen: óf borstvoeding, óf slaaptraining. In werkelijkheid is er een heel grijs gebied.

Kleine aanpassingen die al verschil maken

Je hoeft niet meteen rigoureus te werk te gaan om iets meer rust te krijgen. Sommige ouders merken bijvoorbeeld dat het helpt om:

  • Overdag vaker te voeden, zodat de baby ’s avonds wat minder clustert.
  • Een vast avondritueeltje te maken: licht dimmen, rustige stem, voorspelbare volgorde.
  • De baby na de laatste voeding wakker maar slaperig in bed te leggen, zodat hij leert zelf het laatste stukje naar slaap te maken.

Dat zijn geen harde slaaptrainingstechnieken, maar zachte manieren om je baby wat meer houvast te geven.

Nachtvoedingen afbouwen zonder drama

Op een gegeven moment willen sommige ouders het aantal nachtvoedingen verminderen. Dat mag, en je hoeft je daar niet schuldig over te voelen. Je kunt bijvoorbeeld beginnen met het rekken van de tijd tussen voedingen: eerst 3 uur, dan 3,5, dan 4. Of je partner laten troosten bij tussendoor-huiltjes, zodat jij niet automatisch elke keer de borst aanbiedt.

Belangrijk is om te kijken naar de leeftijd van je baby, groei, medische achtergrond en jouw gevoel. Een gezonde baby van bijvoorbeeld 9 maanden die overdag goed eet, kan vaak met minder nachtvoedingen toe dan een baby van 6 weken.

Voor medische informatie over voeding en groei kun je altijd kijken op Thuisarts of overleggen met het consultatiebureau.

Co-sleeping, bed-sharing en borstvoeding: hoe zit dat met veiligheid?

Veel borstvoedende ouders merken dat de nachten beter te doen zijn als de baby dichtbij slaapt. Dat kan in een co-sleeper naast je bed, of soms in hetzelfde bed. Dat laatste is een gevoelig onderwerp, omdat veiligheid altijd voorop staat.

In Nederland en België wordt aangeraden om je baby in ieder geval de eerste maanden in een eigen bedje te laten slapen, maar wel in dezelfde kamer. Op sites als RIVM vind je richtlijnen om het risico op wiegendood zo klein mogelijk te maken.

Toch gebeurt het in de praktijk vaak dat baby’s een deel van de nacht bij de ouders in bed belanden, zeker bij borstvoeding. Als dat bij jullie ook zo is, is het verstandig om je goed in te lezen over veilige bed-sharing: geen kussens rondom de baby, niet roken, geen alcohol of drugs, stevig matras, baby op de rug, geen dikke dekens over het hoofdje.

Het is beter om eerlijk te zijn over wat er thuis gebeurt en het dan zo veilig mogelijk te organiseren, dan om te doen alsof niemand ooit met een baby in bed slaapt.

Wanneer wordt slaapgebrek echt een probleem?

Moe zijn hoort erbij, dat hoor je vaak. Maar er is een verschil tussen moe en helemaal op.

Signalen dat het misschien te veel wordt:

  • Je valt overdag bijna in slaap tijdens autorijden of op de fiets.
  • Je bent zo prikkelbaar dat je snel uitvalt tegen je partner of oudere kinderen.
  • Je voelt je somber, hopeloos of hebt het gevoel dat je het niet meer aankunt.
  • Je bent continu duizelig, misselijk of hebt hoofdpijn van de vermoeidheid.

In dat geval is het geen luxe meer om aan je slaap te werken, maar echt nodig. Dat betekent niet automatisch dat je moet stoppen met borstvoeding, maar het kan wel betekenen dat er iets moet veranderen: meer hulp, een extra fles door je partner, een paar vaste blokken waarin jij ongestoord slaapt.

Bij aanhoudende somberheid of angstklachten is het slim om contact op te nemen met je huisarts. Op Thuisarts vind je ook informatie over depressieve klachten na de bevalling.

Praktische manieren om borstvoeding en slaap iets vriendelijker te maken

Maak het jezelf fysiek zo makkelijk mogelijk

Je hoeft geen martelaar te zijn. Een goede voedingsstoel of een stevig kussen in bed kan al een wereld van verschil maken. Een klein nachtlampje, zodat je niet in vol TL-licht zit. Kleding die makkelijk open gaat, zodat je ’s nachts zo min mogelijk hoeft te stuntelen.

Veel vrouwen slapen beter als ze weten: alles wat ik vannacht nodig heb ligt klaar. Hydrofielluiers, schone romper, glas water, snack, telefoonoplader. Hoe minder je hoeft te zoeken, hoe sneller je weer terug in bed ligt.

Slaap als een teamproject, niet als jouw individuele falen

Als er een partner in beeld is: slaap is een gezinsaangelegenheid. Ook al geef jij de borstvoeding, dat betekent niet dat de rest van de nacht automatisch “van jou” is.

Je kunt bijvoorbeeld afspreken dat je partner:

  • De baby verschoont en naar jou brengt voor de voeding.
  • De baby na de voeding weer teruglegt, zodat jij alvast je ogen dicht kunt doen.
  • Een vroege ochtendshift doet in het weekend, zodat jij nog een paar uur kunt bijslapen.

En als er geen partner is, kijk dan of familie, vrienden of een kraamzus (als je die optie hebt) een paar momenten kunnen overnemen. Soms is één nacht goed slapen al genoeg om de wereld weer wat helderder te zien.

Laat de regels los die niet voor jullie werken

Er zijn zó veel meningen: niet in slaap voeden, wél in slaap voeden, maximaal 10 minuten, minimaal 15 minuten, alleen op verzoek, altijd volgens schema. Het kan je helemaal gek maken.

De vraag die eigenlijk telt is: werkt dit voor ons, voor nu? Als jij je baby aan de borst in slaap laat vallen en jullie slapen daarna allebei redelijk, dan is dat niet automatisch een probleem dat opgelost moet worden. Veel kinderen groeien daar vanzelf uit.

Andersom: als jij merkt dat je je grenzen bereikt, mag je dingen aanpassen, ook als het boekje zegt dat je moet voeden op verzoek. Jij woont met deze baby, niet het boekje.

Wanneer hulp inschakelen een goed idee is

Je hoeft niet te wachten tot je instort. Als je twijfelt over de combinatie borstvoeding en slaap, zijn er verschillende plekken waar je terechtkunt:

  • Het consultatiebureau: voor groei, voeding, ontwikkeling en slaapadviezen.
  • Een lactatiekundige: voor alles rondom techniek, melkproductie en voedfrequentie.
  • Je huisarts: als je merkt dat je mentaal of lichamelijk erg onderuit gaat.

Online kun je ook veel informatie vinden. Let wel een beetje op de bron. Sites als Thuisarts en Gezondheidsnet geven over het algemeen betrouwbare basisinformatie. Voor specifieke slaapproblemen kun je ook kijken bij Nederlandse slaapcentra of slaapklinieken; veel daarvan hebben een eigen website met informatie.

FAQ over borstvoeding en slaap

1. Hoelang is het normaal dat mijn baby ’s nachts nog borstvoeding wil?

Dat verschilt per kind. De meeste baby’s hebben in de eerste maanden meerdere nachtvoedingen nodig. Veel kinderen drinken ook na 6 maanden nog ’s nachts, zeker bij borstvoeding. Zolang je baby goed groeit, alert is als hij wakker is en jij het nog volhoudt, is dat meestal geen probleem. Wil je afbouwen, dan kun je dat stap voor stap doen, liefst in overleg met het consultatiebureau.

2. Krijgt mijn baby wel genoeg binnen als hij zo vaak wakker wordt?

Vaak wakker worden betekent niet automatisch dat je baby te weinig krijgt. Baby’s drinken soms korte, efficiënte voedingen en gebruiken de borst ook als troost. Twijfel je, let dan op signalen als voldoende natte luiers, groei volgens de curve en een levendige indruk. Bij twijfel kun je altijd overleggen met het consultatiebureau of huisarts.

3. Mag ik mijn baby aan de borst in slaap laten vallen?

Ja, dat mag. Voor veel baby’s is dat een heel natuurlijke manier om in slaap te vallen. Het kan later betekenen dat je wat meer moet begeleiden bij het leren zelfstandig inslapen, maar dat is geen ramp. Sommige ouders bouwen het rond 8-12 maanden langzaam af, anderen vinden het prima zo en wachten tot hun kind er zelf minder behoefte aan heeft.

4. Is het gevaarlijk als ik borstvoeding geef terwijl ik zó moe ben?

Moe zijn is op zich niet gevaarlijk, maar als je zo uitgeput bent dat je tijdens het voeden bijna in slaap valt op een onveilige plek (bijvoorbeeld rechtop op de bank), dan kan dat wél risico’s geven. In dat geval is het vaak veiliger om een vaste, zo veilig mogelijke slaapplek te creëren waar je eventueel samen kunt liggen als je merkt dat je wegdommelt, of om hulp te vragen zodat jij af en toe kunt bijslapen.

5. Moet ik stoppen met borstvoeding om beter te gaan slapen?

Niet per se. Voor sommige vrouwen levert stoppen met borstvoeding inderdaad meer rust op. Voor anderen helpt het juist om door te gaan, omdat nachtvoedingen met de borst sneller en praktischer zijn. Het gaat om de balans: hoe gaat het met jouw lijf, jouw hoofd, jouw gezin? Je mag altijd heroverwegen, bijsturen of combineren (bijvoorbeeld deels borst, deels fles).


Als je iets uit dit hele verhaal meeneemt, laat het dan dit zijn: je faalt niet omdat je moe bent. Je leeft in een fase waarin slapen en voeden in elkaar overlopen, en dat is intens. Je mag zoeken, schuiven, proberen, weer terugkrabbelen en opnieuw beginnen. Dat is geen zwakte, dat is gewoon ouderschap.

Explore More Vrouwen

Discover more examples and insights in this category.

View All Vrouwen