Roken en slapen: waarom je brein ’s nachts wél stopt, maar je verslaving niet

Stel je voor: je ligt eindelijk in bed, lichten uit, telefoon weg, alles klopt. En toch lig je te draaien. Je hart gaat net iets te snel, je hoofd voelt onrustig en ergens in je achterhoofd zit die gedachte: “Nog één sigaret en dan kan ik vast beter slapen.” Klinkt herkenbaar? Dan ben je niet de enige. Roken en slapen zijn een rampzalige combinatie, maar op een manier die veel rokers eigenlijk onderschatten. Overdag voelt die sigaret misschien als een soort pauzeknop voor je stress. Maar ’s nachts laat nicotine pas echt zien wat het met je lichaam doet. Korter slapen, lichter slapen, vaker wakker worden, meer snurken, meer kans op slaapapneu - het stapelt zich op. In dit artikel duiken we in hoe roken je slaap verstoort, waarom je als roker vaak denkt dat het meevalt, en wat er gebeurt met je nachtrust als je stopt. Inclusief de minder leuke fase: die eerste weken waarin je slaap soms juist slechter wordt. Want ja, dat hoort er vaak bij. Maar er zit ook goed nieuws in dit verhaal. Best wel veel, eigenlijk.
Written by
Jamie
Published
Updated

Het rare aan nicotine is dat het twee gezichten heeft. Veel rokers zweren dat ze van een sigaret rustiger worden. En dat voelt ook zo. Maar fysiologisch gebeurt er iets heel anders.

Nicotine:

  • jaagt je hartslag omhoog
  • verhoogt je bloeddruk
  • activeert je zenuwstelsel (dat “aan"-systeem dat je juist uit wil zetten voor de nacht)

Dus waar je brein zich moet voorbereiden op slapen, krijgt je lichaam eigenlijk een soort mini-wekprikkel. Zeker als je in de avond of zelfs vlak voor het slapengaan nog rookt.

Neem Karin, 42 jaar, die bij de huisarts kwam voor slaapproblemen. Ze lag er vaak tot 01.00 uur in, terwijl ze om 23.00 uur naar bed ging. Ze gaf zelf aan: “Ja, ik rook nog één sigaret op het balkon, anders kom ik niet tot rust.” Toen haar huisarts doorvroeg, bleek dat die “ene” sigaret er eigenlijk drie waren. Haar lichaam kreeg dus drie keer achter elkaar een nicotine-shot, net voordat het moest overschakelen naar nachtmodus.

Hoe nicotine je slaaparchitectuur sloopt

Je slaap is geen platte lijn, maar een cyclus van verschillende fasen: lichte slaap, diepe slaap en REM-slaap (droomslaap). Roken gooit daar aardig wat roet in het eten.

Onderzoek laat zien dat rokers gemiddeld:

  • minder diepe slaap hebben
  • minder REM-slaap halen
  • meer micro-ontwaakmomenten hebben (korte wakkere momenten die je vaak niet eens herinnert)

Dat betekent dat je nachten misschien lang genoeg lijken, maar de kwaliteit tegenvalt. Je wordt wakker met het gevoel: “Ik heb geslapen, maar ik ben nog steeds moe.” Niet zo gek, als je lichaam de herstelfase telkens niet goed haalt.

Korter slapen, vaker wakker

Rokers slapen gemiddeld korter dan niet-rokers. Dat zie je terug in grote bevolkingsstudies, maar ook gewoon in de spreekkamer. Veel rokers hebben een herkenbaar patroon: later in slaap vallen, vaker wakker worden, vroeger wakker zijn dan ze willen.

Een deel daarvan is direct nicotine-effect: je zenuwstelsel blijft te actief. Een ander deel is ontwenningsverschijnsel. Ja, ook ’s nachts. Tegen de tijd dat je een paar uur niet hebt gerookt, begint je lichaam alweer te zeuren om nicotine. Dat merk je niet altijd bewust, maar het zorgt wel voor onrustigere slaap.

Nachtelijke ontwenningsklachten: je merkt het minder dan je denkt

Hier wordt het interessant. Overdag merk je heel duidelijk wanneer je trek hebt in een sigaret. Je wordt chagrijnig, onrustig, minder geconcentreerd. Maar ’s nachts gaat dat anders.

Je ligt te slapen, je nicotinepeil daalt, je lichaam raakt daar niet blij van. Gevolg: je wordt lichter wakker, draait meer, wordt soms kort echt wakker en valt weer in slaap. Jij denkt de volgende ochtend: “Ik heb gewoon slecht geslapen.” Je brein koppelt dat zelden direct aan nicotine-ontwenning.

Neem Samir, 35 jaar, vrachtwagenchauffeur. Hij sliep volgens eigen zeggen “altijd slecht”. Hij werd drie, vier keer per nacht wakker. Toen hij een poging deed om te stoppen met roken, merkte hij pas hoe sterk die koppeling eigenlijk was. De eerste week zonder sigaret sliep hij bagger, maar daarna viel hij ineens in één ruk door. Zijn conclusie: “Blijkbaar was ik al die jaren ’s nachts gewoon half in nicotine-modus.”

Snurken, slaapapneu en roken: een nare driehoek

Roken irriteert de slijmvliezen in je keel en neus. Die raken dikker, gevoeliger en soms chronisch ontstoken. Gevolg: je luchtweg wordt nauwer. En een nauwere luchtweg betekent meer kans op:

  • snurken
  • ademstops (slaapapneu)
  • onrustige slaap met veel bewegen

Bij mensen met slaapapneu zie je opvallend vaak een rookgeschiedenis. Het is geen toeval. Door de constante irritatie van de luchtwegen wordt het veel makkelijker voor de keel om tijdens de slaap dicht te klappen.

Artsen van slaapcentra geven vaak hetzelfde verhaal terug: zodra iemand met slaapapneu stopt met roken, wordt het snurken minder en de apneu soms duidelijk milder. Niet altijd weg, maar wel merkbaar minder heftig. Dat is geen magie, dat is gewoon minder zwelling en irritatie in de luchtwegen.

Wie meer wil lezen over slaapapneu en snurken, kan bijvoorbeeld terecht op:

De avondrook: waarom die ene sigaret voor het slapengaan zo verraderlijk is

Veel rokers hebben een vaste “laatste sigaret”. Op het balkon, in de tuin, uit het raam. Een soort ritueel om de dag af te sluiten. En eerlijk is eerlijk: dat moment voelt vaak prettig. Even alleen, even niets.

Maar als je kijkt naar wat er lichamelijk gebeurt, is het precies het verkeerde moment:

  • je lichaam wil melatonine aanmaken (je slaaphormoon), nicotine werkt daar tegenin
  • je hartslag hoort te dalen, nicotine draait die knop weer omhoog
  • je brein moet afschakelen, nicotine geeft juist een prikkel

Dat verklaart ook waarom veel rokers zeggen: “Als ik niet rook, kan ik niet slapen.” Je lichaam is gewend geraakt aan dat nicotinepatroon. Het voelt alsof je die prikkel nodig hebt om te ontspannen, terwijl je in werkelijkheid je eigen natuurlijke ontspanning telkens onderbreekt.

Stoppen met roken: eerst slechter slapen, daarna beter

Nou ja, en dan komen we bij het lastige stuk. Want als roken zo slecht is voor je slaap, dan zou stoppen alles meteen moeten oplossen. Toch? Was het maar zo simpel.

De eerste weken na stoppen met roken slapen veel mensen juist slechter. Dat is irritant, maar ook heel logisch.

Je kunt last krijgen van:

  • moeilijker inslapen
  • vaker wakker worden
  • intensere dromen of nachtmerries
  • onrustig gevoel in je lijf

Dat zijn klassieke ontwenningsverschijnselen. Je lichaam schreeuwt om nicotine, je brein is druk bezig verbindingen te herleggen, je hormoonsysteem moet zich opnieuw instellen. Dat geeft onrust. Maar die fase is tijdelijk.

Wat je in onderzoeken ziet: na een paar weken tot maanden slapen ex-rokers gemiddeld beter dan toen ze nog rookten. Meer diepe slaap, minder wakker, frisser wakker worden. De winst zit dus vooral in het langere plaatje.

Een handige bron over stoppen met roken vind je bijvoorbeeld bij het RIVM en Thuisarts:

“Maar ik rook alleen in het weekend” - maakt dat nog uit?

Deze hoor je vaak: “Ik rook niet echt, alleen in het weekend” of “Alleen bij het uitgaan”. Klinkt onschuldig, maar ook dan kan je slaap er last van hebben.

Stel, je gaat op vrijdag en zaterdag laat naar bed, je drinkt alcohol, je rookt meer dan normaal. Je slaap wordt die nachten korter en oppervlakkiger. Je denkt op zondag: ik slaap het wel even bij. Maar je slaapritme is dan al verschoven, je lichaam is van slag en die combinatie van alcohol en nicotine heeft je slaapkwaliteit flink omlaag getrokken.

Weekendroken is misschien minder schadelijk dan een pakje per dag, maar voor je slaapritme is het nog steeds een stoorzender. Zeker als daar onregelmatige werktijden of jonge kinderen bovenop komen.

Roken, stress en de vicieuze cirkel rond je bed

Veel rokers gebruiken sigaretten als stressremmer. En stress is weer een bekende vijand van slaap. Dat lijkt dus één verhaal. Maar de realiteit is net wat anders.

Roken:

  • verhoogt je basisstressniveau (door constante nicotinepieken en -dalen)
  • zorgt voor meer lichamelijke onrust
  • maakt je gevoeliger voor prikkels

Gevolg: je voelt je overdag onrustiger, grijpt naar een sigaret, voelt je even beter, maar je lichaam raakt nog meer ontregeld. ’s Nachts merk je dat als:

  • piekeren in bed
  • onrustig liggen
  • te vroeg wakker worden met een opgejaagd gevoel

Neem Laura, 29 jaar, net moeder geworden. Zij rookte “voor de stress”. Haar nachten waren kort door de baby, haar slaapkwaliteit slecht door de nicotine. Ze zat dus in een dubbele min. Pas toen ze met begeleiding stopte met roken, merkte ze dat haar stressgevoel overdag langzaam afnam. Haar nachten werden niet meteen langer (baby bleef baby), maar ze werd wel minder gebroken wakker.

Kleine signalen dat roken jouw slaap beïnvloedt

Je hoeft geen slaaponderzoek te doen om te merken dat roken je nachtrust raakt. Let eens op een paar herkenbare patronen:

  • je wordt standaard wakker met een droge mond en een zwaar hoofd
  • je voelt je overdag slaperig, maar ’s avonds ineens weer “aan”
  • je hebt vaak last van een kriebelhoest of benauwd gevoel als je gaat liggen
  • je partner klaagt over snurken of ademstops
  • je eerste sigaret van de dag voelt als een soort “reset” om überhaupt op gang te komen

Herken je jezelf hierin? Dan is de kans groot dat roken meer met je slaap doet dan je dacht.

Meer algemene info over slaapproblemen vind je bijvoorbeeld op:

Wat kun je doen als je wilt stoppen én beter slapen?

Als je rookt en slecht slaapt, is de verleiding groot om alles op stress, werk of leeftijd te schuiven. Maar als je eerlijk bent: roken is een factor die je wél kunt beïnvloeden.

Een paar praktische lijnen om over na te denken:

  • Schuif je laatste sigaret naar voren: als stoppen nu nog te groot voelt, begin dan met niet meer roken in het laatste uur (liefst twee uur) voor het slapengaan. Dat geeft je lichaam meer tijd om af te schakelen.
  • Koppel roken los van je bedritueel: ga niet meer “nog even buiten roken” als vast onderdeel van naar bed gaan. Maak een nieuw ritueel: douchen, lezen, ademhalingsoefening, wat dan ook - maar zonder sigaret.
  • Vraag hulp bij stoppen: begeleiding via de huisarts, praktijkondersteuner of stoppen-met-roken-programma’s vergroot de kans dat het lukt. En ja, dat geldt ook als je “maar” een paar sigaretten per dag rookt.
  • Bereid je voor op tijdelijk slechter slapen: als je stopt, kan je slaap in de eerste weken tegenvallen. Dat is vervelend, maar normaal. Plan die periode bij voorkeur niet in je drukste werkmaand.

Op Thuisarts.nl vind je concrete adviezen en stappenplannen om te stoppen, vaak gekoppeld aan vergoedde begeleiding via de zorgverzekering.

Waarom artsen soms te weinig over slaap en roken praten

Nog een interessant punt: in de spreekkamer gaat het bij roken vaak over longkanker, COPD, hart- en vaatziekten. Logisch, dat zijn grote thema’s. Maar slaap komt in dat gesprek vaak pas laat of helemaal niet aan bod.

Toch kan juist je slaap een krachtige motivatie zijn om te minderen of te stoppen. Elke nacht beter slapen voel je direct. Minder hoesten, minder snurken, frisser wakker worden - dat is geen theoretisch risico over twintig jaar, dat is winst binnen weken tot maanden.

Als je bij je huisarts komt met slaapproblemen en je rookt, is het dus heel zinvol om dat actief te benoemen: “Ik slaap slecht en ik rook. Kan dat met elkaar te maken hebben?” Grote kans dat het gesprek dan ineens een heel andere richting op gaat.

Veelgestelde vragen over roken en slapen

Maakt vapen of e-sigaretten mijn slaap minder slecht dan gewoon roken?

Niet echt. E-sigaretten bevatten vaak ook nicotine, en nicotine is precies de stof die je slaap verstoort. Je hebt misschien minder irritatie van rook in je keel en longen, maar je zenuwstelsel krijgt nog steeds dezelfde prikkel. Voor je slaapkwaliteit is overstappen op vapen dus geen oplossing, hooguit een tussenstap als je bezig bent met volledig stoppen.

Helpt een nicotinepleister beter slapen dan gewoon doorroken?

Een nicotinepleister geeft een gelijkmatiger nicotinepeil dan losse sigaretten. Dat kan ontwenningsklachten dempen, maar het betekent ook dat je lichaam de hele nacht nicotine binnenkrijgt. Sommige mensen slapen daar slechter van, anderen juist beter omdat de pieken en dalen wegvallen. Dit is iets om met je huisarts of stoppen-met-roken-coach te bespreken. Soms wordt geadviseerd de pleister ’s nachts af te doen.

Waarom droom ik zo heftig sinds ik gestopt ben met roken?

Sterkere of vreemdere dromen zijn een bekende ontwenningsklacht. Je REM-slaap verandert als je stopt met nicotine. Je wordt je meer bewust van je dromen, en ze kunnen intenser aanvoelen. Dat trekt meestal na een paar weken weer weg.

Is het zinvol om alleen in de avond te stoppen met roken voor betere slaap?

Ja, zelfs als je nog niet klaar bent om helemaal te stoppen, kan het al helpen om de avondrook te schrappen. Vooral de laatste uren voor het slapengaan zijn belangrijk. Minder nicotine in die periode geeft je lichaam meer kans om op tijd in slaapstand te komen.

Hoe snel merk ik verschil in mijn slaap als ik helemaal stop met roken?

Dat verschilt per persoon. Sommige mensen slapen na een paar dagen al rustiger, anderen hebben eerst twee tot vier weken onrustige nachten door ontwenning. Gemiddeld zie je dat na een paar weken tot maanden de slaapkwaliteit duidelijk beter wordt dan in de rookperiode.


Roken en slapen zijn simpel gezegd geen vrienden. Je hoeft geen perfecte nachtrust te hebben om te merken dat je met minder nicotine al een wereld van verschil kunt maken. En ja, stoppen is lastig. Maar beter slapen, helderder wakker worden en je overdag minder gesloopt voelen zijn voordelen die je elke dag opnieuw terugkrijgt.

Explore More Leefstijl

Discover more examples and insights in this category.

View All Leefstijl