Slaaptraining bij baby’s: wat niemand je er eerlijk over vertelt
Laat ik beginnen met iets waar veel ouders zich op verkijken: jonge baby’s kunnen het gewoon nog niet allemaal zelf. Een pasgeboren baby heeft hulp nodig om in slaap te vallen, vaak voeding in de nacht en slaapt onregelmatig. Dat is niet “verkeerd”, dat is biologie.
Veel slaapcoaches en artsen zijn het erover eens dat gestructureerde slaaptraining meestal pas een beetje zin heeft vanaf ongeveer 4 tot 6 maanden, als:
- je baby gezond is en goed groeit
- de nachten steeds heel onrustig zijn (elk uur wakker bijvoorbeeld)
- jij als ouder echt op je tandvlees loopt
Bij twijfel is het slim om eerst even met het consultatiebureau of huisarts te praten. Soms speelt er iets medisch mee, zoals reflux, oorontsteking of een allergie, en dan kun je trainen wat je wilt, maar blijft slapen lastig.
Waarom slaaptraining zo beladen voelt
Neem Lisa, moeder van een baby van 7 maanden. Haar dochter werd wel acht keer per nacht wakker. Overdag was ze vrolijk, maar Lisa zelf was op. Ze las over slaaptraining en dacht: “Ik kan dit mijn baby toch niet aandoen?” Tegelijk voelde ze: “Ik kan dit mezelf óók niet meer aandoen.”
Daar zit precies de spanning. Je wilt je baby troosten, nabij zijn, reageren. En toch heb je ook slaap nodig om een beetje jezelf te blijven. Slaaptraining is eigenlijk niets anders dan: je baby stap voor stap helpen om op een andere manier in slaap te vallen dan hij nu gewend is. Maar de manier waarop, daar kun je best wel in variëren.
Belangrijk om in je achterhoofd te houden:
- Huilen kan erbij horen, maar hoeft niet per se extreem te zijn.
- Jij bepaalt altijd de grens: als je buik zegt “dit voelt fout”, dan stop je.
- Het is geen falen als je besluit: dit past niet bij ons.
De bekendste slaaptraining methoden op een rij
Er zijn allerlei varianten en creatieve namen, maar grofweg komen de meeste methoden neer op een paar basisprincipes. Ik loop ze met je door, met de praktijk erbij.
1. De “Ferber” of gecontroleerd troosten methode
Dit is de methode waar veel mensen aan denken bij slaaptraining: je legt je baby wakker in bed, zegt rustig gedag, en als hij huilt, wacht je een vooraf bedacht aantal minuten voordat je kort gaat troosten.
Hoe het er in het echt uitziet:
Je legt je baby neer, geeft een kus, zegt je vaste zinnetje (“Slaap lekker, ik ben dichtbij”) en loopt weg. Je baby protesteert. Je kijkt op de klok. Na bijvoorbeeld 2 minuten ga je even naar binnen, aait over het hoofdje, praat zacht, maar je tilt je baby niet op. Na een minuut ga je weer weg. De volgende keer wacht je iets langer, bijvoorbeeld 4 minuten, dan 6, enzovoort.
Wat ouders vaak merken:
De eerste 1 à 3 nachten zijn pittig. De meeste baby’s protesteren flink, omdat de oude gewoonte (bijvoorbeeld in slaap drinken of wiegen) ineens anders is. Bij een deel van de baby’s zie je na een paar nachten dat ze sneller in slaap vallen en minder vaak wakker worden.
Past dit bij jullie als:
- je het oké vindt dat je baby huilt, zolang je regelmatig even checkt
- je het fijn vindt om een duidelijk schema te hebben
Minder handig als:
- je zelf al helemaal op bent en elk huiltje je door merg en been gaat
- je baby snel overstuur raakt en moeilijk kalmeert
2. De “graduele” methode: stapje voor stapje loslaten
Dit is de zachtere variant. In plaats van in één keer een grote verandering door te voeren, maak je kleine stapjes. Het gaat dan bijvoorbeeld zo:
Je baby valt nu alleen in slaap op je arm. De eerste stap is dat je hem op je arm in slaap laat vallen, maar al iets eerder neerlegt, als hij nog nét niet helemaal weg is. Gaat dat een beetje, dan schuif je verder: je wiegt in bed, dan alleen nog je hand op zijn buik, dan naast het bed zitten, en uiteindelijk de kamer uit.
Neem Sam, 6 maanden. Hij sliep alleen maar aan de borst. Zijn moeder besloot het rustig aan te doen. Eerst zorgde ze dat hij overdag ook leerde in bed te slapen met haar erbij. Daarna liet ze hem ’s avonds in bed in slaap vallen terwijl ze naast hem zat en zachtjes neuriede. Na een week schoof ze haar stoel iets verder weg, tot ze op een gegeven moment alleen nog af en toe “ssst” zei vanuit de kamer.
Voordeel:
- minder heftig, vaak minder lang en hard huilen
- voelt voor veel ouders natuurlijker
Nadeel:
- kost meer tijd en consequentheid
- het is verleidelijk om terug te vallen in oude gewoontes als je moe bent
3. De “pick up / put down” methode
Deze methode wordt vaak genoemd bij jongere baby’s (rond 4 tot 6 maanden). Het idee: je laat je baby in bed, maar als hij echt overstuur raakt, til je hem op tot hij kalmer is, en leg je hem dan weer neer. En dat herhaal je. En nog eens. En nog eens.
In de praktijk:
Je legt je baby wakker in bed. Hij begint te huilen. Je wacht even of hij zelf wat tot rust komt. Wordt het harder, dan til je hem op, wiegt kort, praat rustig. Zodra hij wat zakt in zijn spanning, leg je hem weer neer. Wordt hij weer overstuur, dan herhaal je het.
Dit kan in het begin best intensief zijn, met veel opstaan. Maar baby’s leren zo dat het bed een veilige plek is en dat je er bent, terwijl ze toch in hun eigen bed in slaap leren vallen.
Past bij ouders die:
- het moeilijk vinden om hun baby in bed te laten huilen
- het oké vinden om fysiek veel bezig te zijn in de eerste dagen
4. De “no tears” aanpak: slaaptraining zonder bewust laten huilen
Sommige ouders zeggen: ik wil gewoon geen enkele methode waarbij ik mijn baby “laat huilen”. Dan kom je al snel bij een aanpak die nog zachter is en vooral inzet op voorspelbaarheid, ritme en veel nabijheid.
Denk aan:
- een vast avondritueel (bijvoorbeeld bad, pyjama, voeding, liedje, bed)
- je baby altijd in slaap helpen, maar wel steeds iets wakkerder neerleggen
- werken aan overdag genoeg slaap, zodat je baby ’s avonds niet oververmoeid is
Deze aanpak kost vaak meer tijd, maar kan wel degelijk werken. Vooral bij baby’s die gevoelig zijn en sterk reageren op veranderingen, kan dit een fijne route zijn.
Belangrijk om eerlijk bij te zeggen: helemaal zonder traan is het zelden. Baby’s uiten spanning en vermoeidheid vaak met huilen. Het verschil zit hem in hoeveel je daarbij actief troost en aanwezig bent.
Wat slaaptraining níet oplost
Het is handig om je verwachtingen een beetje bij te stellen, hoe verleidelijk die succesverhalen op forums ook klinken.
Slaaptraining zorgt niet automatisch voor:
- doorslapen van 19.00 tot 07.00 bij een baby van 4 maanden
- nul nachtvoedingen bij jonge baby’s
- een altijd vrolijke baby (die bestaan niet, helaas)
Wat het wél kan doen:
- het aantal nachtelijke wakkermomenten verminderen
- je baby helpen om zonder hulp weer in slaap te vallen als hij ’s nachts wakker wordt
- jou als ouder wat meer voorspelbaarheid en rust geven
Als je merkt dat je baby ineens slechter slaapt na een periode dat het juist beter ging, kan er ook iets anders spelen. Denk aan sprongetjes, doorkomende tandjes, ziekte of een verandering in de dag (opvang, vakantie, verhuizing). Op zulke momenten is het soms handiger om even pas op de plaats te maken met slaaptraining.
Hoe kies je een methode die bij jullie past?
Er is geen “beste” methode, hoe graag we dat ook zouden willen. Maar je kunt jezelf een paar vragen stellen:
- Hoe reageer ik zelf op huilen? Raak ik meteen in paniek, of kan ik kort afwachten?
- Ben ik iemand van duidelijke schema’s, of juist meer van gevoel en meebewegen?
- Hoe is mijn eigen energieniveau op dit moment?
- Wat heeft mijn baby tot nu toe laten zien? Slaat hij snel aan op voorspelbaarheid, of is hij juist flexibel?
Soms helpt het om een plan te maken op papier. Niet omdat je dat perfect moet volgen, maar omdat het in de nacht, half slapend, gewoon heel moeilijk is om nog logisch na te denken. Spreek met je partner (als die er is) af:
- welke methode jullie proberen
- hoe lang jullie het een kans geven (bijvoorbeeld 4 tot 7 dagen)
- wanneer je stopt of bijstuurt
Praktische basis: zonder dit wordt elke methode moeilijk
Welke methode je ook kiest, er zijn een paar dingen die het vaak net wat makkelijker maken.
Een voorspelbaar avondritueel
Baby’s houden van herhaling. Een kort, vast ritueel helpt hun lijf en hoofd om te schakelen naar “het is slaaptijd”. Dat hoeft echt geen ingewikkelde show te zijn. Iets als: verschonen, pyjama, slapen zak of deken, voeding, een kort liedje, licht uit, dezelfde zin.
Door elke avond ongeveer hetzelfde te doen, weet je baby op den duur: nu komt slapen.
Letten op wakkertijden en oververmoeidheid
Een oververmoeide baby slaapt vaak juist slechter. Het voelt soms alsof je ze “lekker moe” moet maken, maar bij baby’s werkt dat vaak averechts.
Ruw idee (geen keiharde regels):
- rond 4 maanden kunnen veel baby’s ongeveer 1,5 tot 2 uur wakker zijn tussen twee slaapjes
- rond 6 maanden eerder 2 tot 2,5 uur
Zie je rode oogjes, wegkijken, jengelen? Dat zijn vaak eerste slaapsignalen. Wacht je dan nog een uur, dan kan je baby zo druk worden dat slapen ineens een strijd wordt.
Slaapomgeving die helpt
Kijk eens kritisch naar de slaapkamer:
- Is het donker genoeg? Veel baby’s slapen beter in een donkere kamer.
- Is het niet te warm of te koud? Rond 16 tot 19 graden wordt vaak aangeraden.
- Is er veel prikkelende decoratie rond het bed? Dat kan afleiden.
Op sites als Thuisarts en Gezondheidsnet vind je meer algemene info over veilig slapen en omgeving, bijvoorbeeld:
- https://www.thuisarts.nl/baby/ik-wil-dat-mijn-baby-goed-slaapt
- https://www.gezondheidsnet.nl/slaapproblemen
En wat als het gewoon niet lukt?
Neem Noor, moeder van een zoontje van 8 maanden. Ze probeerde gecontroleerd troosten. Na drie nachten was ze compleet op, haar zoontje ook, en er was weinig verbetering. Ze besloot te stoppen en stapte over op een rustigere, graduele aanpak. Het duurde langer, maar voelde voor haar veel beter.
Slaaptraining is geen examen dat je moet halen. Als een methode niet werkt, zegt dat niets over jou als ouder. Het zegt alleen: dit past nu niet bij jullie.
Zoek hulp als:
- je zelf zo moe bent dat je niet meer veilig auto durft te rijden
- je merkt dat je erg somber of prikkelbaar bent
- je de neiging krijgt om boos te worden op je baby
Praat dan met het consultatiebureau, huisarts of een kinderarts. Op Thuisarts.nl staat ook informatie over vermoeidheid en somberheid na de bevalling:
- https://www.thuisarts.nl/zwangerschapsdepressie
Je hoeft dit echt niet alleen uit te zoeken.
Veelgestelde vragen over slaaptraining bij baby’s
Doet slaaptraining mijn baby emotioneel schade?
Dat is een grote angst bij veel ouders. Onderzoek laat tot nu toe niet duidelijk zien dat milde vormen van slaaptraining bij gezonde baby’s blijvende schade geven in de band met de ouder. Belangrijk is wel dat je overdag veel positieve aandacht en nabijheid biedt en dat je altijd reageert als je denkt dat er “echt iets” is.
Als jij je er heel slecht bij voelt, is dat op zich al een signaal: kies dan voor een zachtere aanpak. Vertrouw ook op je gevoel.
Hoe lang duurt het voordat slaaptraining werkt?
Dat verschilt per kind en per methode. Bij strengere methoden zie je soms binnen 3 tot 5 dagen verbetering. Bij graduele of zachte methoden kan het eerder weken dan dagen duren. Probeer een methode in elk geval een paar dagen consequent te doen, tenzij je merkt dat je baby er echt extreem van overstuur raakt of jij zelf over je grens gaat.
Mag mijn baby nog nachtvoedingen krijgen als ik slaaptraining doe?
Ja, zeker bij jonge baby’s is dat heel normaal. Je kunt slaaptraining ook combineren met 1 of 2 geplande nachtvoedingen. Het verschil is dat je baby leert om tussen die voedingen door zélf weer in slaap te vallen.
Bij oudere baby’s (rond 9 tot 12 maanden) kun je in overleg met het consultatiebureau soms nachtvoedingen afbouwen, als de groei goed is.
Is huilen onvermijdelijk bij slaaptraining?
Helemaal zonder huilen is zeldzaam, omdat je een gewoonte verandert en dat geeft vaak protest. Maar er is een groot verschil tussen even mopperen en ontroostbaar huilen. Jij kent je baby het beste. Bij zachte methoden ben je veel aanwezig en troost je actief, waardoor het huilen vaak minder heftig is.
Waar vind ik betrouwbare informatie over baby- en kinderslaap?
Naast je eigen consultatiebureau en huisarts kun je kijken op Nederlandse en Belgische sites met betrouwbare info over gezondheid en slaap, zoals:
- https://www.thuisarts.nl/baby/ik-wil-dat-mijn-baby-goed-slaapt
- https://www.gezondheidsnet.nl/slaapproblemen
- https://www.hersenstichting.nl/hersenaandoeningen/slaapproblemen
Tot slot: jij bent de expert op jouw baby
Alle schema’s, methoden en adviezen zijn hulpmiddelen, geen regels waar je aan moet voldoen. Je mag mixen, aanpassen, stoppen, opnieuw beginnen. Het belangrijkste is dat jij en je baby je veilig voelen en dat je hulp zoekt als het je boven het hoofd groeit.
Slaaptraining is geen trucje dat “goede” ouders doen. Het is één van de gereedschappen in de gereedschapskist. Soms haal je hem eruit, soms leg je hem weer terug. En dat is helemaal oké.
Related Topics
Van wieg naar bed: wanneer is je baby er klaar voor?
Co-sleeping met je baby: hoe doe je dat zonder slapeloze stress?
Veilig slapen voor baby’s: wat je wél en niet hoeft te doen
Als je baby niet slaapt (en jij dus ook niet)
Een babykamer waar je kind wíl slapen (en jij ook rust vindt)
Waarom je pasgeboren baby zo vreemd (en vaak) slaapt