Medicatie voor rusteloze benen - wanneer, welke en hoe lang?

Stel je voor: je ligt eindelijk in bed, de dag is klaar, je bent moe genoeg... en dan begint het. Die onrust in je benen. Alsof er mieren onder je huid kruipen. Je móet bewegen, anders word je gek. Slapen? Vergeet het maar. Mensen met het restless legs syndroom (RLS) herkennen dit maar al te goed. En eerlijk: leef daar maar eens mee als je elke avond zo begint. Niet gek dus dat veel mensen op een gegeven moment bij de huisarts of neuroloog belanden met de vraag: "Is er geen pilletje voor?". Het antwoord is: ja, er zijn medicijnen. Maar het is minder simpel dan: "Neem dit en je bent er vanaf." Medicatie voor RLS kan een uitkomst zijn, maar kan het probleem ook erger maken als je het verkeerd inzet. En er zijn bijwerkingen waar je echt even bij stil moet staan. In dit artikel lopen we door de belangrijkste medicatie-opties voor RLS, maar ook door de valkuilen. Wanneer is medicatie zinvol, welke middelen worden gebruikt in Nederland en België, en vooral: waar moet je zelf scherp op letten als je met pillen tegen rusteloze benen start?
Written by
Jamie
Published

Het klinkt misschien gek uit de mond van iemand die over medicatie schrijft, maar: bij RLS wordt er soms veel te snel naar pillen gegrepen. Terwijl simpele dingen als ijzertekort behandelen, cafeïne beperken of een antidepressivum aanpassen soms al een wereld van verschil maken.

Neem Karin, 48 jaar. Ze sliep al maanden slecht door rusteloze benen en kreeg van de huisarts meteen een dopamine-agonist voorgeschreven. Het hielp... drie maanden. Daarna werd het onrustgevoel erger, begon eerder op de dag en verschoof zelfs naar haar armen. Pas toen iemand haar ferritine (ijzeropslag) bepaalde, bleek dat die veel te laag was. Na ijzersuppletie knapte ze behoorlijk op, en kon haar medicatie omlaag.

Kortom: medicatie kan helpen, maar zonder goed onderzoek naar oorzaken en uitlokkers schiet je eigenlijk met losse flodders.

Wanneer artsen wél aan medicatie voor RLS denken

Artsen gaan meestal pas aan medicatie denken als:

  • de klachten meerdere keren per week optreden
  • je slaap structureel verstoord raakt
  • je overdag echt uitgeput bent
  • maatregelen zonder medicatie (ijzer, leefstijl, aanpassen andere medicatie) onvoldoende helpen

En dan nog is het vaak een kwestie van samen afwegen: hoeveel last heb je, wat zijn je verwachtingen, welke andere aandoeningen en medicijnen spelen mee?

Bij iemand die af en toe wat onrustige benen heeft, maar verder prima functioneert, is medicatie vaak meer gedoe dan winst. Bij iemand die elke nacht uren wakker ligt en overdag bijna in slaap valt achter het stuur, wordt het een ander verhaal.

De grote spelers: welke soorten medicijnen worden gebruikt?

Er zijn grofweg vier groepen medicijnen die bij RLS worden ingezet:

  • middelen die op dopamine aangrijpen
  • anti-epileptica (vooral gabapentine-achtige middelen)
  • opioïden (bij zeer ernstige, therapieresistente RLS)
  • ijzersuppletie (als er een tekort of lage voorraad is)

En dan heb je nog de categorie: middelen die RLS juist kunnen uitlokken of verergeren. Daar komen we zo nog op terug.

Dopamine-agonisten: de klassiekers bij RLS

Dit zijn misschien wel de bekendste middelen bij RLS. In Nederland en België worden vooral pramipexol en ropinirol gebruikt, soms ook rotigotine (als pleister).

Ze werken op het dopaminesysteem in de hersenen, dat bij RLS een rol speelt in de aansturing van beweging en gevoel. Veel mensen merken dat hun klachten in het begin echt flink afnemen. Klinkt als een droom, toch?

Nou ja… er zit een flinke “maar” aan.

Voordelen van dopamine-agonisten

  • snelle verlichting van klachten bij veel mensen
  • lage doseringen vergeleken met de ziekte van Parkinson
  • vaak één keer per dag in te nemen, meestal in de avond

De schaduwkant: augmentatie en bijwerkingen

Het grootste probleem heet augmentatie. Dat is een mooi woord voor: je medicijn maakt je RLS op termijn erger.

Hoe merk je dat?

  • de klachten beginnen steeds eerder op de dag
  • de klachten worden heftiger
  • ze breiden zich uit naar andere lichaamsdelen (bijvoorbeeld armen)
  • de werking van je huidige dosis lijkt “op” en je hebt steeds meer nodig

Dit is geen zeldzame bijwerking, maar iets waar je vanaf dag één alert op moet zijn. Zeker bij hogere doseringen en langdurig gebruik.

Andere bijwerkingen die je arts vaak expliciet zal bespreken:

  • slaperigheid overdag
  • duizeligheid of misselijkheid
  • impulscontroleproblemen, zoals gokdrang, koopdrang of hyperseksualiteit (ja, ook bij lage doses, en ja, dat wordt nog steeds vaak onderschat)

Daarom kiezen steeds meer slaapcentra en neurologen er tegenwoordig voor om dopamine-agonisten óf niet als eerste keus te gebruiken, óf ze zo laag en zo kort mogelijk in te zetten.

Anti-epileptica: gabapentine en pregabaline

Klinkt heftig, een anti-epilepticum slikken “alleen maar” voor rusteloze benen. Toch worden gabapentine en pregabaline in veel richtlijnen genoemd als voorkeursmiddelen, vooral als er ook sprake is van pijnlijke sensaties of slaapproblemen.

Deze middelen werken op prikkeloverdracht in het zenuwstelsel. Ze dempen als het ware de overactieve signalen die bij RLS een rol spelen.

Wanneer artsen voor deze groep kiezen

  • als er naast RLS ook zenuwpijn speelt (bijvoorbeeld bij diabetes)
  • als iemand slecht tegen dopamine-agonisten kan
  • als er al tekenen zijn van augmentatie
  • als er veel angst of slapeloosheid meespeelt

Plus- en minpunten

Voordelen:

  • minder risico op augmentatie dan bij dopamine-agonisten
  • vaak gunstig effect op slaapkwaliteit
  • kunnen ook pijnklachten verminderen

Nadelen:

  • slaperigheid en sufheid overdag
  • duizeligheid, soms balansproblemen
  • gewichtstoename bij langer gebruik
  • soms oedeem (vocht vasthouden)

Daarom wordt meestal begonnen met een lage dosis in de avond, die langzaam wordt opgebouwd. Zelf even “een extra pilletje” nemen omdat je een slechte nacht had, is bij deze middelen geen goed idee.

IJzer: het meest onderschatte “medicijn” bij RLS

Het klinkt bijna te simpel: ijzer. Toch is er een duidelijke link tussen lage ijzerwaarden in de hersenen en RLS. En dan heb ik het niet alleen over bloedarmoede, maar vooral over de ijzervoorraad, gemeten als ferritine.

Veel slaapartsen hanteren de vuistregel: bij RLS streef je naar een ferritinewaarde boven de 50 tot 75 microgram per liter, soms zelfs hoger. Terwijl de standaardlaboratoriumgrenzen vaak veel lager liggen.

Dus je kunt een keurig “normale” uitslag hebben volgens het lab, en tóch te weinig ijzer hebben voor een rustig zenuwstelsel.

Hoe wordt ijzer dan gegeven?

  • orale ijzersupplementen (tabletten of drank), vaak voor meerdere maanden
  • bij ernstige tekorten of slechte opname: intraveneus ijzer via een infuus in het ziekenhuis

Bijwerkingen van orale ijzerpreparaten zijn meestal maag-darmklachten: misselijkheid, buikpijn, verstopping of juist diarree. Daarom is goede begeleiding door huisarts of specialist handig.

En belangrijk: doe dit niet op eigen houtje. “Gewoon maar wat ijzer” slikken zonder bloedonderzoek is geen goed plan. Te veel ijzer is namelijk óók ongezond.

Opioïden: de laatste stap, niet de eerste

Bij een kleine groep mensen is de RLS zo ernstig en therapieresistent dat artsen uiteindelijk naar opioïden grijpen. Denk aan middelen als oxycodon of tramadol, soms in lage, langwerkende doseringen.

Dit gebeurt vooral bij mensen die:

  • al meerdere andere behandelingen geprobeerd hebben
  • ernstige slaapproblemen en functionele beperkingen hebben
  • goed geïnformeerd zijn over risico’s en verslavingspotentieel

Hier geldt echt: dit is specialistische zorg. Dit doe je niet vanuit een standaard herhaalrecept bij de huisarts zonder duidelijke afspraken en follow-up.

Medicijnen die RLS kunnen verergeren (en soms stiekem de boosdoener zijn)

Dit stukje wordt nog steeds vaak gemist. Soms is de beste “medicatie voor RLS” eigenlijk: een ander medicijn stoppen of vervangen.

Middelen die RLS kunnen uitlokken of verergeren zijn onder andere:

  • bepaalde antidepressiva (vooral SSRI’s en SNRI’s)
  • antipsychotica
  • sommige antihistaminica (klassieke slaapmiddelen tegen jeuk of allergie)
  • lithium
  • cafeïnehoudende pijnstillers of drankjes laat op de avond

Neem Mark, 35 jaar. Hij kreeg een antidepressivum voorgeschreven en merkte een paar weken later voor het eerst die nare onrust in zijn benen. De eerste reflex was: “Ik heb RLS, ik moet er een medicijn bij.” Pas toen de psychiater het verband legde, werd zijn antidepressivum aangepast. De RLS-klachten namen daarna duidelijk af.

Daarom is het bij nieuwe RLS-klachten altijd de moeite waard om kritisch naar je medicatielijst te kijken. Liefst samen met een arts die weet welke middelen dit soort klachten kunnen geven.

Hoe lang moet je medicatie voor RLS gebruiken?

Dit is zo’n vraag waar iedereen eigenlijk een simpel antwoord op wil, maar die het niet heeft.

In de praktijk zie je grofweg drie scenario’s:

  • mensen met tijdelijk verergerde RLS, bijvoorbeeld door zwangerschap of een acuut ijzertekort. Daar kan medicatie soms tijdelijk worden gegeven en later weer worden afgebouwd.
  • mensen met milde tot matige RLS, bij wie je met ijzer, leefstijl en eventueel een lage dosis medicatie een stabiel evenwicht vindt. Soms lukt het om na een tijd af te bouwen, soms niet.
  • mensen met ernstige, chronische RLS, bij wie medicatie langdurig nodig blijft, maar waarbij je wel probeert de laagst werkzame dosis te gebruiken en regelmatig te evalueren.

Belangrijk is dat RLS-medicatie geen “zet maar voor altijd op herhaal"-recept hoort te zijn. Regelmatige controles, af en toe kijken of het met minder kan, en alert blijven op augmentatie en bijwerkingen zijn eigenlijk standaard.

Zelf scherp blijven: welke vragen stel je aan je arts?

Als je arts medicatie voor RLS voorstelt, kun je jezelf en je arts een paar lastige, maar nuttige vragen stellen:

  • Waarom kiest u voor dit middel en niet voor een ander?
  • Wat is het plan als ik augmentatie krijg of bijwerkingen ontwikkel?
  • Is mijn ferritinewaarde al gecontroleerd, en zo ja, wat is de streefwaarde?
  • Hoe lang willen we dit middel ongeveer gebruiken voordat we evalueren?
  • Wat merk ik als ik te veel of juist te weinig slik?

Een arts die daar rustig en helder over kan praten, geeft je vaak ook het vertrouwen dat er een plan B is als het niet loopt zoals gehoopt.

RLS, slaap en de valkuil van “nog een slaappilletje erbij”

RLS en slapeloosheid lopen bijna altijd in elkaar over. Je ligt wakker, raakt gefrustreerd, wordt bang voor het naar bed gaan. En voor je het weet, zit je in de hoek van slaapmiddelen zoals benzodiazepinen of zwaardere middelen.

Die kunnen je soms wat rustiger maken, maar lossen de RLS zelf niet echt op. En ze geven weer andere problemen: gewenning, afhankelijkheid, sufheid overdag, valrisico.

Daarom zie je in moderne behandeltrajecten voor RLS steeds vaker een combinatie:

  • gerichte medicatie voor de RLS zelf (bijvoorbeeld gabapentine of een lage dosis dopamine-agonist)
  • aandacht voor slaaphygiëne en vaste ritmes
  • soms cognitieve gedragstherapie voor slapeloosheid (CGT-i)

Die combinatie is vaak duurzamer dan alleen maar meer pillen stapelen.

Wanneer is het tijd voor een slaap- of neuroloog?

Als je huisarts twijfelt, of als je ondanks medicatie nog steeds slecht slaapt of rare bijwerkingen krijgt, is een verwijzing naar een neuroloog of slaapcentrum logisch.

Redenen om die stap te zetten kunnen zijn:

  • ernstige of snel verergerende klachten
  • jonge leeftijd bij begin van de klachten
  • neurologische afwijkingen bij onderzoek
  • vermoeden op andere slaapstoornissen, zoals periodieke beenbewegingen tijdens de slaap (PLMS)
  • falen van meerdere medicatie-opties

In een slaapcentrum kan soms ook een slaaponderzoek (polysomnografie) worden gedaan, vooral als er twijfel is over de diagnose of als er meerdere slaapstoornissen door elkaar lopen.

Wat kun je zelf doen naast medicatie?

Medicatie staat nooit los van de rest. Een paar dingen die vaak worden meegegeven:

  • laat je ferritine en vitamine B12 eens goed bepalen als dat nog niet is gebeurd
  • beperk cafeïne, nicotine en alcohol in de avond
  • probeer een vaste bedtijd en opsta-tijd aan te houden
  • lichte beweging overdag helpt, maar intensief sporten vlak voor bed kan juist averechts werken
  • let op middelen die RLS kunnen verergeren en bespreek alternatieven met je arts

Het is misschien niet spectaculair, maar in de praktijk maakt het vaak best wel verschil.

Veelgestelde vragen over medicatie bij RLS

1. Is medicatie voor RLS gevaarlijk?

Gevaarlijk is een groot woord, maar elk medicijn heeft bijwerkingen en risico’s. Bij dopamine-agonisten is augmentatie een belangrijk punt, bij gabapentine-achtige middelen zijn sufheid en gewichtstoename een aandachtspunt, en bij opioïden speelt verslavingsgevaar. Daarom is goede begeleiding en regelmatige controle echt belangrijk.

2. Kan ik RLS-medicatie zomaar stoppen?

Plotseling stoppen is meestal geen goed idee. Je kunt dan een flinke terugslag krijgen van je klachten, en soms ook ontwenningsachtige verschijnselen. Afbouwen doe je stap voor stap, in overleg met je arts. Zeker bij hogere doseringen of bij middelen als opioïden en sommige dopamine-agonisten.

3. Helpen gewone pijnstillers zoals paracetamol of ibuprofen?

Bij de typische kriebelende, trekkende RLS-sensaties helpen klassieke pijnstillers meestal nauwelijks. Ze pakken de onderliggende verstoring in het zenuwstelsel niet aan. Soms worden ze wel gebruikt bij bijkomende pijnklachten, maar als RLS-behandeling op zich stellen ze meestal teleur.

4. Is RLS-medicatie veilig tijdens zwangerschap?

Zwangerschap is een apart hoofdstuk. RLS komt dan vaker voor of verergert tijdelijk. Veel standaardmiddelen worden dan liever vermeden of alleen in uitzonderingsgevallen gebruikt. Vaak ligt de focus op ijzer, niet-medicamenteuze maatregelen en zo laag mogelijke belasting met medicijnen. Dit is echt iets om met een gynaecoloog en eventueel neuroloog te bespreken.

5. Kan ik autorijden als ik medicatie voor RLS gebruik?

Dat hangt af van het middel en hoe je erop reageert. Bij middelen die slaperigheid veroorzaken (dopamine-agonisten, gabapentine, opioïden) moet je extra alert zijn. Voel je je suf, duizelig of minder scherp, dan is autorijden geen goed idee. Sommige middelen vallen ook onder de Regeling Geneesmiddelen en Verkeer. Bespreek dit expliciet met je arts en lees de bijsluiter.

Meer lezen en betrouwbare informatie

Voor wie graag zelf verder leest en zich wil voorbereiden op het gesprek met de arts, zijn dit nuttige Nederlandstalige bronnen:

  • Thuisarts over rusteloze benen (RLS): https://www.thuisarts.nl/rusteloze-benen
  • Hersenstichting over slaap en bewegingsstoornissen: https://www.hersenstichting.nl
  • Slaapinstituut over slaapstoornissen en behandelingen: https://www.slaapinstituut.nl

Blijf vooral vragen stellen. RLS is geen “aanstellerij” en ook geen kwestie van “even doorheen bijten”. Met de juiste combinatie van onderzoek, leefstijl en - waar nodig - medicatie, is er vaak meer mogelijk dan je denkt.

Explore More Bewegingsstoornissen

Discover more examples and insights in this category.

View All Bewegingsstoornissen