Wanneer de beugel niet meer werkt - chirurgische opties bij slaapapneu

Stel je voor: je ligt weer eens naast je partner in bed, maar in plaats van rustig ademhalen is het hetzelfde oude riedeltje. Snurken, pauze, een soort hijg, draaien, weer snurken. Overdag ben je gesloopt, prikkelbaar, en die CPAP-masker op je nachtkastje voelt meer als een vijand dan als een hulpmiddel. Hoe lang hou je dat eigenlijk nog vol? Voor veel mensen met slaapapneu voelt het zo. CPAP helpt vaak goed, maar laten we eerlijk zijn: niet iedereen raakt eraan gewend. Mondbeugels (MRA) zijn een optie, maar ook die zijn niet voor iedereen zaligmakend. En dan komt vroeg of laat die vraag: "Moet er niet gewoon iets worden gedaan? Iets operatiefs?" Chirurgie bij slaapapneu klinkt aantrekkelijk: iets laten weghalen of verplaatsen en klaar. Maar zo simpel is het nou ja, eigenlijk nooit. Opereren aan luchtweg, kaak of neus is serieus werk, met serieuze gevolgen. Tegelijk kan het voor een zorgvuldig geselecteerde groep mensen wél het verschil maken tussen elke dag vechten tegen slaap en weer normaal functioneren. In dit artikel lopen we stap voor stap door de belangrijkste chirurgische opties bij obstructieve slaapapneu, voor wie ze bedoeld zijn, wat je ervan mag verwachten en wanneer je beter nog even níet onder het mes gaat.
Written by
Jamie
Published
Updated

Waarom artsen niet meteen naar het mes grijpen

Als je elke nacht ligt te vechten om adem te halen, voelt een operatie soms als de logische volgende stap. Toch zal een longarts, KNO-arts of kaakchirurg meestal eerst remmen in plaats van gas geven.

Dat heeft een paar duidelijke redenen:

  • Opereren aan keel, neus of kaak is onomkeerbaar. Terugdraaien is vrijwel nooit mogelijk.
  • De resultaten zijn wisselend. Sommige mensen zijn bijna klachtenvrij, anderen merken maar een beperkte verbetering.
  • CPAP en MRA zijn vaak veiliger, beter te sturen en aanpasbaar.

Neem Erik, 52 jaar, vrachtwagenchauffeur. Zijn slaaponderzoek liet een ernstige slaapapneu zien. CPAP werkte technisch prima, maar hij kreeg het benauwd van het masker en haakte af. Zijn eerste gedachte: “Snij er maar iets uit, dan is het klaar.” De KNO-arts trapte op de rem, liet een slaapendoscopie doen, paste zijn CPAP-instelling aan en regelde een ander type masker. Resultaat: hij slaapt nu, tot zijn eigen verbazing, mét CPAP. Chirurgie staat voorlopig in de wacht.

Met andere woorden: chirurgie is meestal plan B of C, niet plan A. Maar als plan B of C goed doordacht is, kan het wel degelijk een goede zet zijn.

Eerst even scherp: over welke slaapapneu hebben we het?

We hebben het hier over obstructieve slaapapneu (OSA) - de vorm waarbij je luchtweg tijdens de slaap (gedeeltelijk) dichtvalt. Niet over centrale slaapapneu, waarbij het probleem in de aansturing van de ademhaling in de hersenen zit. Bij centrale slaapapneu spelen heel andere mechanismen en operaties aan keel of kaak hebben daar geen zin.

Bij obstructieve slaapapneu kun je chirurgisch op verschillende niveaus ingrijpen:

  • Neus
  • Keel en zachte gehemelte
  • Tongbasis en keelwand
  • Kaakstand
  • Zenuwstimulatie (hypoglossus-stimulator)

Niet iedereen heeft op alle niveaus een probleem. Daarom is goede diagnostiek zo belangrijk, bijvoorbeeld met een slaapendoscopie (kijken in de keel terwijl je onder lichte sedatie “slaapt").

De neus: kleine ingreep, beperkte winst

Wat artsen proberen te bereiken

Operaties aan de neus richten zich op een vrijere luchtstroom:

  • Rechtzetten van het neustussenschot (septumcorrectie)
  • Verkleinen van neusschelpen
  • Verwijderen van poliepen

Dit klinkt aantrekkelijk, maar hier gaat het vaak mis in verwachtingen. Een neusoperatie geneest slaapapneu vrijwel nooit. De neus is zelden de hoofdschuldige, eerder een hinderlijke bijrolspeler.

Wanneer het tóch zin heeft

Neuschirurgie kan nuttig zijn als:

  • Je CPAP niet verdraagt omdat je neus chronisch verstopt is
  • Je vooral door je mond ademt en daardoor een extreem droge mond hebt
  • Er duidelijke anatomische afwijkingen zijn (scheef neustussenschot, forse poliepen)

Denk aan Fatima, 39 jaar, die CPAP echt had geprobeerd, maar elke nacht wakker werd met een kurkdroge keel en hoofdpijn. Haar neustussenschot bleek flink scheef. Na een septumcorrectie kon ze haar CPAP ineens wél verdragen en zakte haar apneu-index fors.

Kortom: de neusoperatie is vaak een ondersteunende ingreep. Handig om andere behandelingen mogelijk te maken, niet dé oplossing op zich.

Snurken wegbranden? De zachte gehemelte-operaties

UPPP, laser en co: wat gebeurt daar eigenlijk?

Een bekende operatie is de uvulo-palato-pharyngo-plastiek (UPPP). Daarbij wordt weefsel achter in de keel weggehaald of verstrakt, zoals:

  • Een deel van de huig
  • Stukjes van het zachte gehemelte
  • Soms ook keelamandelen

Er zijn varianten met laser, radiofrequentie of andere technieken. Het doel is steeds hetzelfde: minder vibrerend, minder blokkerend weefsel achter in de keel.

Klinkt logisch, maar hoe goed werkt het?

Hier wordt het vaak best wel teleurstellend:

  • Resultaten zijn sterk afhankelijk van je anatomie en de ernst van je slaapapneu
  • Bij milde OSA en vooral snurkklachten kan het redelijk helpen
  • Bij matige tot ernstige OSA is het succes een stuk beperkter

Veel richtlijnen (zoals die waar Nederlandse KNO-artsen zich op baseren) zijn daarom voorzichtig: UPPP is een optie, maar alleen na zorgvuldige selectie en duidelijke uitleg over de kans op (on)succes.

De keerzijde waar je niet omheen kunt

Mogelijke klachten na dit soort operaties:

  • Pijn bij slikken in de eerste weken
  • Veranderd gevoel in keel of gehemelte
  • Soms een meer “open” klank van de stem
  • In zeldzame gevallen problemen met slikken of teruglopen van drinken in de neus

Voor iemand als Jan, 47 jaar, met forse overgewicht en ernstige OSA, bleek een UPPP uiteindelijk niet genoeg. Zijn apneu-index halveerde wel, maar bleef in de ernstige categorie. Hij moest alsnog aan de CPAP. Dat is precies het scenario waar artsen je vooraf voor willen waarschuwen.

Kaakchirurgie: de grote verbouwing van je luchtweg

Waarom aan de kaak sleutelen zoveel impact heeft

Bij sommige mensen is de onder- en/of bovenkaak relatief naar achteren geplaatst. Daardoor ligt de tong verder naar achteren, dichter tegen de keelwand. In rugligging en tijdens de slaap is dat vragen om problemen.

Een grote kaakoperatie, meestal een bimaxillaire advancement (verplaatsen van zowel boven- als onderkaak naar voren), vergroot de hele ruimte achter tong en gehemelte. Je maakt als het ware de buis waar de lucht doorheen moet breder.

Voor wie is dit bedoeld?

Dit is geen “even wat laten doen"-ingreep. Het wordt overwogen bij:

  • Matige tot ernstige OSA
  • Aantoonbare kaakafwijking (retrognathie, kleine onderkaak)
  • Mensen die CPAP en MRA niet verdragen of onvoldoende effect hebben

Een voorbeeld: Lotte, 34 jaar, slank, sportief, maar al jaren uitgeput. Iedereen dacht eerst aan burn-out. Het slaaponderzoek liet ernstige OSA zien. CPAP werkte technisch, maar ze voelde zich opgesloten met masker. MRA gaf wat verbetering, maar niet genoeg. De kaakchirurg zag een duidelijke kleine onderkaak. Na bimaxillaire advancement daalde haar apneu-index van 42 naar 6. Niet perfect, wel een wereld van verschil.

De realiteit: intensief traject, maar vaak goede resultaten

Voordelen:

  • Relatief hoge kans op duidelijke verbetering van OSA
  • Effect is structureel, geen apparaat nodig in bed

Nadelen:

  • Grote operatie met ziekenhuisopname
  • Zwelling, pijn, tijdelijk vloeibaar of zacht dieet
  • Veranderde gezichtsuitstraling (meestal subtiel, soms duidelijk)

Dit is het soort beslissing dat je niet in één consult neemt. Meestal is er een heel traject met kaakchirurg, orthodontist en slaapteam.

Hypoglossus-stimulator: pacemaker voor je tong

Wat doet zo’n apparaat precies?

De laatste jaren hoor je steeds vaker over een hypoglossus-stimulator. Dat is een klein apparaatje dat onder de huid wordt geplaatst, meestal onder het sleutelbeen. Het is verbonden met:

  • Een sensor die je ademhaling registreert
  • Een elektrode rond de zenuw die de tong aanstuurt (nervus hypoglossus)

Als je inademt, krijgt de tong een klein stroompje, waardoor hij net iets naar voren trekt en de luchtweg open blijft. Geen masker, geen beugel, wel een soort interne “coach” voor je tong.

Klinkt hightech, maar is het iets voor iedereen?

Nee, zeker niet. De selectie is streng. Vaak gelden er voorwaarden zoals:

  • Matige tot ernstige OSA
  • CPAP-intolerantie of onvoldoende effect
  • Geen extreme obesitas
  • Geschikte anatomie van de keel, beoordeeld met slaapendoscopie

In Nederland wordt deze behandeling nog niet overal aangeboden en vaak in studieverband of in gespecialiseerde centra. Vergoeding door zorgverzekeraars is ook niet altijd vanzelfsprekend, en de criteria veranderen nog.

Ervaringen in de praktijk

Patiënten die goed geselecteerd zijn, rapporteren vaak:

  • Minder apneus
  • Minder slaperigheid overdag
  • Redelijke tot goede acceptatie van het apparaat

Maar het blijft een implantaat:

  • Er is een operatie nodig om het te plaatsen
  • De batterij moet na een aantal jaren worden vervangen
  • Er kunnen technische problemen of infecties optreden

Het is dus geen magische oplossing, maar wel een interessante optie voor een specifieke groep mensen.

Bariatrische chirurgie: afvallen als ingreep tegen slaapapneu

Waarom gewicht zoveel uitmaakt

Overgewicht is een bekende risicofactor voor OSA. Vet rondom nek en keel, maar ook in de tong en buik, maakt ademhalen lastiger en de luchtweg instabieler. Afvallen kan de ernst van slaapapneu flink verminderen.

Bij ernstig overgewicht en bijkomende problemen (zoals diabetes of hoge bloeddruk) kan bariatrische chirurgie worden overwogen, zoals:

  • Gastric bypass
  • Gastric sleeve

Wat doet dat met slaapapneu?

Onderzoek laat zien dat:

  • De apneu-index vaak aanzienlijk daalt na fors gewichtsverlies
  • Een deel van de mensen hun CPAP kan minderen of zelfs stoppen
  • Niet iedereen volledig “geneest” van slaapapneu, zeker niet bij ernstige OSA

Voor iemand als Peter, 45 jaar, BMI 42, met zware OSA, is bariatrische chirurgie soms de meest logische eerste chirurgische stap. Niet omdat het direct aan de keel sleutelt, maar omdat het de druk op het hele ademhalingssysteem vermindert.

Hoe kies je tussen al die opties?

De volgorde is zelden willekeurig

In de praktijk ziet een verstandig traject er vaak ongeveer zo uit (zonder dat het een vaste checklist is):

  • Diagnose met slaaponderzoek
  • Start met CPAP of MRA, plus leefstijladvies (gewicht, alcohol, slaaphouding)
  • Bij problemen of onvoldoende effect: aanvullende onderzoeken, zoals slaapendoscopie
  • Pas dan komt chirurgie in beeld, afgestemd op je anatomie, voorkeuren en algehele gezondheid

Belangrijke vragen om met je arts te bespreken:

  • Wat is mijn apneu-index en hoe ernstig is mijn OSA?
  • Op welk niveau valt mijn luchtweg dicht (neus, gehemelte, tongbasis, kaak)?
  • Wat is het realistische doel van de voorgestelde operatie? Minder CPAP, lagere druk, of volledig zonder hulpmiddelen?
  • Wat zijn de kansen op succes en wat versta je onder “succes”?
  • Wat zijn de risico’s, ook op lange termijn?

Verwachtingsmanagement, hoe saai het ook klinkt

De grootste teleurstellingen ontstaan als iemand denkt: “Na de operatie ben ik genezen” terwijl de arts eigenlijk bedoelde: “We hopen op 50 procent minder apneus”. Dat zijn twee totaal verschillende werelden.

Soms is een operatie geslaagd als:

  • De apneu-index duidelijk lager is
  • De CPAP-druk omlaag kan
  • Het snurken minder is, waardoor de partner weer in hetzelfde bed slaapt

Dat is misschien minder spectaculair dan “genezen”, maar in het dagelijks leven kan het een enorm verschil maken.

Wanneer je beter níet laat opereren

Er zijn situaties waarin chirurgie vaak weinig toevoegt:

  • Je hebt milde OSA, goed instelbare CPAP en verdraagt die redelijk
  • Er is geen duidelijke anatomische afwijking te zien
  • Je verwacht dat een kleine neus- of keeloperatie je zonder enige hulpmiddelen gaat genezen, terwijl de arts daar eerlijk gezegd niet in gelooft

Ook als je medische risico’s verhoogd zijn (ernstige hartziekte, slechte wondgenezing, onbehandelde psychische problemen) kan een arts terughoudend zijn.

Dat voelt soms frustrerend, maar is meestal bedoeld als bescherming, niet als tegenwerking.

Waar kun je betrouwbare info vinden?

Voor Nederlandstalige, betrouwbare informatie over slaapapneu en behandelingen kun je kijken op:

Daarnaast hebben veel Nederlandse slaapcentra en KNO-afdelingen eigen informatiepagina’s, vaak via het ziekenhuis waar ze aan verbonden zijn.

FAQ over chirurgie bij slaapapneu

Is een operatie altijd beter dan levenslang CPAP?

Nee. CPAP is in veel gevallen de meest effectieve en controleerbare behandeling. Operaties zijn onomkeerbaar, hebben risico’s en geven niet bij iedereen voldoende resultaat. Voor sommige mensen is een combinatie het beste: een operatie die de ernst vermindert, plus een lager ingestelde CPAP.

Hoe weet ik of ik in aanmerking kom voor een hypoglossus-stimulator?

Dat wordt beoordeeld door een gespecialiseerd slaapteam, vaak met een KNO-arts of longarts en een chirurg. Er wordt gekeken naar ernst van je OSA, je BMI, je eerdere ervaringen met CPAP en MRA, en de manier waarop je keel dichtvalt tijdens een slaapendoscopie. Het is dus maatwerk.

Wordt kaakchirurgie voor slaapapneu vergoed?

In veel gevallen valt dit onder de medisch noodzakelijke zorg, maar de voorwaarden verschillen per verzekeraar en situatie. Vaak is een verwijzing nodig vanuit een erkend slaapcentrum en moet duidelijk zijn dat andere behandelingen onvoldoende werken of niet verdragen worden. Je zorgverzekeraar kan je precieze dekking aangeven.

Helpt een neusoperatie tegen snurken en apneu?

Een neusoperatie kan snurken verminderen als een verstopte neus een groot deel van het probleem is. Bij echte slaapapneu is het effect meestal beperkt. Wel kan het de tolerantie voor CPAP verbeteren, waardoor je behandeling als geheel beter werkt.

Kan slaapapneu na een operatie terugkomen?

Ja, dat kan. Gewichtstoename, veroudering en veranderingen in de spier- en weefselspanning kunnen ervoor zorgen dat de luchtweg opnieuw kwetsbaar wordt. Daarom blijven controles na een operatie belangrijk, zeker als klachten (snurken, slaperigheid) terugkeren.

Tot slot: opereren aan je slaap is nooit een licht besluit

Chirurgische opties voor slaapapneu zijn geen wondermiddelen, maar ook geen laatste wanhoopsdaad. Ze horen thuis in een zorgvuldig traject, met eerlijke gesprekken over kansen, risico’s en verwachtingen.

Als je merkt dat je vastloopt met CPAP of MRA, is het zinvol om een gesprek aan te vragen in een slaapcentrum met ervaring in chirurgische behandelingen. Niet om meteen een datum te prikken voor de operatiekamer, maar om samen te onderzoeken: waar valt er in jóuw luchtweg nog iets te winnen - en tegen welke prijs.

En misschien is dat wel de belangrijkste vraag: niet “welke operatie is er?”, maar “welke winst is voor mij genoeg om een operatie de moeite waard te maken?”

Explore More Slaapapneu

Discover more examples and insights in this category.

View All Slaapapneu