Waarom een snurkend kind soms meer is dan een grappig filmpje
Waarom artsen dit bij kinderen vaak over het hoofd zien
Bij volwassenen staat slaapapneu inmiddels redelijk op de radar. Bij kinderen is dat een ander verhaal. De klachten zijn vaak minder “typisch” en passen net zo goed bij andere dingen: druk gedrag, slecht luisteren, hangerigheid, bedplassen, huilbuien. Voor je het weet zit je in een traject richting kinderpsycholoog, terwijl de kern van het probleem ‘s nachts in bed ligt.
Een kinderarts vertelde ooit over een jongen, laten we hem Daan noemen, 8 jaar. Daan werd aangemeld vanwege vermoedelijke ADHD. Hij was druk, lette slecht op in de klas en had regelmatig driftbuien. Pas toen de arts doorvroeg naar zijn slaap, kwam het verhaal: hij snurkte elke nacht, sliep met zijn mond open en leek soms even te stoppen met ademen. Uiteindelijk bleek hij forse slaapapneu te hebben door vergrote keel- en neusamandelen. Na een operatie knapte hij opvallend op, zowel thuis als op school.
Dit soort verhalen zijn geen uitzondering. Het probleem: als je niet actief vraagt naar slaap, mis je de helft van de puzzel. En ouders weten vaak niet dat snurken bij kinderen een alarmsignaal kan zijn.
Hoe ziet slaapapneu bij een kind er nou eigenlijk uit?
Bij kinderen gaat het meestal om obstructieve slaapapneu. Dat betekent dat de luchtweg in de keel tijdens de slaap (deels) dichtvalt. De hersenen schrikken daar als het ware van, sturen een wekprikkel, het kind haalt weer adem en slaapt door. Vaak zonder dat het zich daar later iets van herinnert.
Wat je als ouder kunt opvallen:
- Hard, bijna volwassenachtig snurken, meerdere nachten per week
- Pauzes in de ademhaling, gevolgd door een zucht of snurk
- Onrustig slapen, veel draaien, rare slaaphoudingen (bijvoorbeeld zittend of met het hoofd achterover)
- Mondademhaling, droge lippen, vaak open mond overdag
Maar de echte ellende zie je overdag:
- Moe wakker worden, ondanks genoeg uren in bed
- Prikkelbaarheid, huilerig, kort lontje
- Concentratieproblemen, snel afgeleid, “droomt weg”
- Of juist hyperactief gedrag, niet stil kunnen zitten
- Hoofdpijn in de ochtend
- Soms bedplassen terwijl dat eerder over was
Neem Noor, 6 jaar. Haar ouders maakten zich zorgen omdat ze “altijd zo moe” was. Ze sliep zogenaamd 11 uur per nacht, maar werd toch uitgeput wakker. In de klas was ze stil, leek afwezig en haar juf dacht aan een leerprobleem. Toen oma een nachtje oppaste, schrok zij van het harde snurken en de ademstops. Dat werd het kantelpunt: via de huisarts kwam Noor bij de KNO-arts terecht. Na het verwijderen van haar keel- en neusamandelen veranderde haar energieniveau compleet.
De rol van keel- en neusamandelen (en waarom die zo vaak de boosdoener zijn)
Bij kinderen zijn vergrote keel- en neusamandelen een van de meest voorkomende oorzaken van slaapapneu. Die amandelen zitten precies op de plek waar de lucht langs moet. Als ze te groot zijn, wordt die doorgang te smal. In diepe slaap verslappen de spieren rond de keel en kan de luchtweg dan tijdelijk dichtvallen.
Dat verklaart ook waarom sommige kinderen overdag best oké lijken te ademen, maar ‘s nachts een compleet ander verhaal laten zien. Liggend, in diepe slaap, met verslapte spieren en een nauwe keel: dat is precies de ideale mix voor ademstops.
Overgewicht speelt bij kinderen ook een rol, al is het minder dominant dan bij volwassenen. Vetweefsel rond de nek kan de luchtweg extra vernauwen. Daarnaast zie je vaker slaapapneu bij kinderen met bepaalde syndromen (zoals Downsyndroom) of afwijkingen aan kaak of schedel. Maar het gros van de kinderen met slaapapneu heeft “gewoon” grote amandelen en verder een normale ontwikkeling.
“Maar mijn kind slaapt toch lang genoeg?” - schijn bedriegt
Uren in bed is niet hetzelfde als goed slapen. Bij slaapapneu wordt de slaap steeds onderbroken door mini-ontwaakmomenten. Het kind wordt niet elke keer echt wakker, maar de diepe, herstellende slaap raakt versnipperd.
Je kunt het vergelijken met een nacht waarin je elk kwartier een appje krijgt. Je ligt technisch gezien in bed, maar je komt nooit echt in die diepe ontspanning. Bij kinderen zie je dan dat ze:
- Moeilijk wakker worden, lang nodig hebben om op te starten
- Overdag in de auto of op de bank in slaap vallen, terwijl dat voor hun leeftijd niet meer zo normaal is
- Of juist “over hun moeheid heen” lijken en hyper worden
Het brein van een kind is volop in ontwikkeling. Slechte slaap raakt dus niet alleen hun humeur, maar ook groei, geheugen en leren. Er zijn onderzoeken die laten zien dat onbehandelde slaapapneu bij kinderen kan samenhangen met slechtere schoolprestaties en gedragsproblemen. Niet omdat het kind niet wil, maar omdat het letterlijk uitgeput is.
Wanneer moet je als ouder echt alarmbellen horen rinkelen?
Snurken op zich is niet altijd een ramp. Een verkoudheid, allergie of een paar drukke dagen kunnen tijdelijk zorgen voor meer gesnurk. Maar als je merkt dat het patroon blijft, wordt het tijd om scherper te kijken.
Let vooral op combinaties. Een kind dat:
- Meerdere nachten per week hard snurkt, gedurende maanden
- Ademstops heeft of hoorbaar naar adem hapt in de slaap
- Met open mond slaapt en vaak een verstopte neus lijkt te hebben
- Overdag moe, prikkelbaar of juist extreem druk is
- Moeite heeft met concentreren op school
Dat is geen “ach, het zal wel bij de leeftijd horen” meer. Dat is een reden om de huisarts te bellen.
Nog zo’n signaal dat vaak wordt gemist: groeivertraging. Sommige kinderen met ernstige slaapapneu groeien minder goed. Door slechte slaap raakt de hormoonhuishouding in de war, waaronder het groeihormoon. Als je een kind hebt dat slecht slaapt, veel snurkt én achterblijft in lengte of gewicht, dan is dat nou ja… best wel een rode vlag.
Hoe wordt slaapapneu bij kinderen onderzocht?
De eerste stap is bijna altijd de huisarts. Die zal vragen naar:
- Slaapgewoonten: hoe lang, hoe onrustig, snurken, ademstops
- Overdag: gedrag, concentratie, vermoeidheid
- Eventuele andere klachten: oorontstekingen, allergieën, neusverstopping
Vaak wordt een kind daarna verwezen naar een KNO-arts of kinderarts. Soms wordt gevraagd om een filmpje te maken van het slapen. Dat klinkt misschien wat vreemd, maar een korte opname van een snurkende, worstelende slaper geeft artsen verrassend veel informatie.
Voor een echte diagnose is meestal een slaaponderzoek nodig. Dat kan in een slaapcentrum of ziekenhuis, soms zelfs (deels) thuis. Tijdens zo’n onderzoek worden onder andere ademhaling, hartslag, zuurstofgehalte in het bloed en slaappatronen gemeten. Niet elk kind vindt dat leuk, maar de apparatuur is de laatste jaren een stuk kindvriendelijker geworden.
Daarna wordt gekeken naar de ernst. Niet elk kind met wat snurken en lichte ademstops heeft meteen ingrijpende behandeling nodig. Soms is het vooral volgen en kijken of het spontaan verbetert, bijvoorbeeld na een groeispurt of behandeling van allergieën.
Wat artsen eraan kunnen doen (en wat jij als ouder kunt verwachten)
De behandeling hangt af van de oorzaak en de ernst. Bij veel kinderen spelen vergrote amandelen de hoofdrol. In dat geval kan een KNO-arts voorstellen om de keel- en/of neusamandelen te verwijderen. Dat is een operatie die in Nederland en België ontzettend vaak wordt gedaan bij kinderen.
Ouders vinden dat vaak spannend, logisch. Maar de praktijk laat zien dat kinderen met forse slaapapneu hier vaak enorm van opknappen. Minder snurken, rustiger slapen, meer energie, beter humeur. Het is niet magisch, maar het verschil is in veel gezinnen behoorlijk voelbaar.
Als overgewicht meespeelt, kan gewichtsreductie een onderdeel van de aanpak zijn. Niet met crashdiëten, maar met begeleiding via bijvoorbeeld een kinderdiëtist en meer bewegen. Ook daar is slaap een factor: een uitgerust kind heeft meer energie om te spelen en sporten.
In een kleinere groep kinderen wordt gebruikgemaakt van een CPAP-apparaat, dat met lichte overdruk de luchtweg openhoudt tijdens de slaap. Wie nu denkt: “Mijn kind met een masker op naar bed? No way” - begrijpelijk. Het vraagt gewenning en goede begeleiding. Maar bij sommige kinderen met ernstige slaapapneu of een anatomische afwijking kan dit net het verschil maken tussen jaar in, jaar uit uitgeput zijn of eindelijk weer uitgerust wakker worden.
Soms wordt er gekeken naar orthodontie. Een te nauwe bovenkaak of afwijkende kaakstand kan de luchtweg vernauwen. Met een beugel kan de kaakstructuur worden beïnvloed, wat op de langere termijn gunstig kan zijn voor de ademruimte.
En als iedereen zegt: “Het is vast gewoon druk gedrag”?
Veel ouders lopen hiertegenaan. Je ziet dat je kind moe is, niet zichzelf is, maar de omgeving ziet vooral “druk”, “opstandig” of “dromerig”. Dan is het lastig om voet bij stuk te houden.
Toch mag je best een beetje koppig zijn. Jij kent je kind het beste. Als jouw onderbuikgevoel zegt: er klopt iets niet met zijn of haar slaap, benoem dat dan expliciet bij de huisarts of kinderarts. Zeg niet alleen “hij is zo druk”, maar ook:
- “Hij snurkt elke nacht hard”
- “Ik zie hem soms stoppen met ademen”
- “Ze wordt nooit uitgerust wakker, hoe lang ze ook slaapt”
Dat soort concrete observaties helpt artsen om niet te blijven hangen in alleen het gedrag overdag.
Wat je zelf al kunt doen terwijl je wacht op onderzoek
Je lost slaapapneu niet op met alleen wat kussens verschuiven, maar kleine aanpassingen kunnen de situatie soms iets draaglijker maken.
Een paar dingen die vaak worden aangeraden:
- Zorg voor een rustige, donkere slaapkamer zonder schermen vlak voor het slapengaan
- Laat je kind liever op de zij slapen dan plat op de rug, als dat haalbaar is
- Beperk zware maaltijden en suikerrijke snacks vlak voor bedtijd
- Let op neusverstopping: bij allergieën of chronische verkoudheid kan behandeling van de neusklachten al verlichting geven
Belangrijk is vooral: blijf observeren. Schrijf desnoods een paar nachten kort op wat je ziet en hoort. Dat dagboekje is goud waard in de spreekkamer.
De impact op het gezin (en waarom je ook aan jezelf moet denken)
Slaapapneu bij een kind raakt niet alleen dat kind, maar het hele gezin. Ouders die nachtenlang wakker liggen van gesnurk, onrust of zorgen, broertjes en zusjes die wakker worden... Het is uitputtend. En als iedereen moe is, lopen spanningen thuis sneller op.
Het helpt om dit hardop te benoemen, ook richting zorgverleners. Je hoeft niet stoer te doen alsof het allemaal wel meevalt. Als jij als ouder op je tandvlees loopt, mag dat meewegen in de keuze om sneller te behandelen.
Een moeder vertelde na de behandeling van haar dochter: “Ik dacht dat ze gewoon een pittig kind was. Nu ze eindelijk goed slaapt, merk ik hoeveel daarvan eigenlijk slaaptekort was. En eerlijk? Ik ben zelf ook weer een leukere moeder geworden.” Niet wetenschappelijk, wel herkenbaar voor veel gezinnen.
FAQ over slaapapneu bij kinderen
1. Is snurken bij kinderen altijd een probleem?
Nee, niet altijd. Een paar nachten snurken bij een verkoudheid is normaal. Wordt er echter weken tot maanden achter elkaar hard gesnurkt, zeker in combinatie met ademstops of gedragsveranderingen overdag, dan is het verstandig om naar de huisarts te gaan.
2. Kan een kind “eroverheen groeien” zonder behandeling?
Soms wel. Bij milde klachten en als een kind ouder wordt, kan de verhouding tussen keelruimte en amandelen verbeteren. Maar bij duidelijke ademstops, forse vermoeidheid of achterblijvende groei is afwachten niet zonder risico. Laat in ieder geval een arts meekijken in plaats van zelf maar te hopen dat het overgaat.
3. Lijkt slaapapneu echt op ADHD bij kinderen?
Ja, de overlap is groot. Druk gedrag, concentratieproblemen en impulsiviteit komen bij beide voor. Daarom is het zo belangrijk dat er bij een vermoeden van ADHD óók naar slaap wordt gekeken. Soms bestaan beide naast elkaar, maar soms is slechte slaap de belangrijkste boosdoener.
4. Doet een slaaponderzoek pijn?
Nee. Het is vooral onhandig en een beetje spannend. Er worden sensoren geplakt en bandjes om buik en borst gedaan. Dat voelt vreemd, maar niet pijnlijk. Voor kinderen wordt vaak geprobeerd het zo speels mogelijk te maken.
5. Waar kan ik betrouwbare informatie vinden over slaapapneu bij kinderen?
Voor Nederland en België zijn er goede Nederlandstalige bronnen, zoals Thuisarts, de Hersenstichting en gespecialiseerde slaapcentra. Zie de links hieronder.
Meer lezen en goede info vinden
Wil je verder lezen of je voorbereiden op een gesprek met je huisarts of specialist, dan zijn dit betrouwbare Nederlandstalige bronnen:
- Thuisarts - Slaapapneu
- Hersenstichting - Slaap en hersenen
- Slaap Instituut - Informatie over slaapstoornissen
Blijf vooral niet te lang twijfelen als je merkt dat er iets niet klopt met de slaap van je kind. Liever één keer “onnodig” naar de huisarts dan maandenlang een kind dat elke nacht vecht om adem en overdag moet presteren op halve batterij.
Related Topics
Slaapapneu: wanneer snurken ineens een alarmsignaal wordt
CPAP-therapie: het apparaat dat je nachten redt (als je volhoudt)
Waarom BiPAP therapie soms precies is wat je longen nodig hebben
Waarom je snurken meer zegt dan je denkt
Waarom obstructieve slaapapneu veel gevaarlijker is dan je denkt
Waarom slaapapneu zich overdag keihard verraadt