Geen klok kijken 's nachts - de simpelste truc die je nooit volhoudt
Waarom die klok ‘s nachts zo giftig is voor je hoofd
Je zou denken: een klok is gewoon een klok. Neutrale informatie. Maar ‘s nachts verandert dat ding in een soort stressmachine.
Je wordt wakker, ziet de tijd en je brein gaat aan. Je begint te rekenen: hoelang heb ik al geslapen, hoeveel uur heb ik nog, hoe ga ik morgen functioneren? Voor je het weet ben je niet meer slaperig, maar aan het plannen, piekeren en analyseren. Je lichaam lag nog half in de slaapstand, maar je hoofd staat alweer op werkmodus.
Neem Sara, 34 jaar. Ze vertelde dat ze elke nacht standaard twee of drie keer wakker werd. Het eerste wat ze deed: op haar telefoon kijken. Niet alleen naar de tijd, natuurlijk. Even snel de notificaties checken, een mailonderwerp lezen, een nieuwsalert zien. Ze lag dan vaak nog drie kwartier wakker. Toen ze haar telefoon uit de slaapkamer verbande en de wekker omdraaide zodat ze de tijd niet meer kon zien, merkte ze binnen een week dat ze wel wakker werd, maar veel sneller weer wegzakte.
Klok kijken is eigenlijk een uitnodiging aan je brein om wakker te worden. En dat is nou net wat je niet wilt.
Hoe klok kijken je slaapdruk onderuit haalt
Je lichaam heeft een soort interne slaapmeter: de slaapdruk. Hoe langer je wakker bent, hoe groter de drang om te slapen. Als je ‘s nachts wakker wordt, is die slaapdruk nog steeds aanwezig. Je bent dus gemaakt om weer in slaap te vallen.
Maar op het moment dat jij naar de klok kijkt en denkt: “O nee, nog maar twee uur…”, schiet de stress omhoog. Stresshormonen zoals adrenaline en cortisol krijgen een seintje. Je hartslag gaat net iets omhoog, je ademhaling wordt onrustiger. En je raadt het al: slaapdruk verliest het van stress.
Het wordt dan een soort nachtelijk pingpongpotje in je hoofd: “Ik moet slapen” tegenover “Ik kan niet slapen”. Hoe vaker je de tijd checkt, hoe harder dat potje doorgaat.
De vicieuze cirkel van nachtelijk rekenen
Misschien herken je deze reeks gedachten:
Je wordt wakker. Je kijkt. 02:41.
“Oké, als ik nu weer in slaap val, heb ik nog 4 uur. Dat is te doen. Maar wat als ik niet in slaap val? Dan wordt het 3 uur. Of half 4. Dan heb ik nog maar…” en zo gaat het maar door.
Voor je het weet ben je niet meer bezig met slapen, maar met voorspellen hoe brak je morgen zult zijn. En dat beïnvloedt je volgende nacht weer. Want je gaat al naar bed met de gedachte: “Als ik vannacht maar niet weer om 3 uur wakker lig.” Je brein onthoudt dit soort dingen. Je maakt als het ware een koppeling: wakker worden = tijd checken = stress.
Geen klok kijken is dus niet alleen iets voor dat ene moment, maar ook een manier om die nare koppeling langzaam te doorbreken.
Maar ik heb toch een wekker nodig?
Ja, tuurlijk. Je hoeft echt niet zonder wekker te gaan leven. Het gaat niet om het hebben van een klok, maar om het zien van de tijd midden in de nacht.
Een paar praktische opties:
- Gebruik een wekker die je kunt omdraaien of dimmen, zodat je het licht en de cijfers niet ziet zolang je er niet bewust aan zit.
- Leg je telefoon buiten handbereik. Echt buiten handbereik, niet op het nachtkastje. Bijvoorbeeld aan de andere kant van de kamer.
- Kies een wekker zonder felle led-cijfers die je hele kamer blauw of rood verlichten.
Tom, 42 jaar, dacht dat hij zijn telefoon nodig had als wekker. Toen hij een simpele analoge wekker kocht en die met de wijzerplaat van zich af draaide, merkte hij dat hij niet meer automatisch de tijd checkte. De wekker stond er nog, maar hij zag hem gewoon niet. En dat maakte al verschil.
De mentale truc: van klok naar kompas
Als je stopt met klok kijken, voelt dat in het begin best ongemakkelijk. Alsof je de controle loslaat. Maar eerlijk: hoeveel controle gaf het je tot nu toe echt?
Je kunt je brein helpen door een andere focus te kiezen. Geen exacte tijd meer, maar een soort intern kompas:
- “Ik lig, ik rust, dat is ook winst.”
- “Elke minuut met mijn ogen dicht telt mee, ook als ik niet slaap.”
- “Mijn lichaam weet hoe slapen werkt, ik hoef het niet te forceren.”
Klinkt misschien een beetje zweverig, maar het is eigenlijk gewoon een andere manier van kijken. Je verschuift van tijd meten naar rust toelaten. En dat is precies waar je lijf beter op reageert.
Wat doe je dan als je wakker ligt?
Als je niet naar de klok mag kijken, wat dan wel? Je hoeft echt niet in het donker te liggen vechten met je gedachten.
Een paar dingen die je ‘s nachts wél helpen:
Zacht ademen in plaats van hard nadenken
Leg je aandacht bij je ademhaling. Niet ingewikkeld, gewoon tellen in je hoofd:
Adem in door je neus tot 4, adem uit tot 6. De uitademing net iets langer dan de inademing. Dat helpt je zenuwstelsel om te kalmeren. Als je afdwaalt met je gedachten, is dat niet erg. Merk het op en ga weer terug naar tellen. Nou ja, net zo vaak als nodig.
Ontspannen in stukjes
Span heel zachtjes je voeten aan, houd 3 seconden vast, en laat weer los. Dan je kuiten, je bovenbenen, je buik, je schouders, je gezicht. Niet keihard aanspannen, gewoon subtiel. Het signaal naar je lichaam is: het is veilig, je mag loslaten.
Gedachten parkeren
Als je merkt dat je hoofd overuren draait, helpt het om tegen jezelf te zeggen: “Dit is een ochtendprobleem.” Klinkt simpel, maar je brein snapt die boodschap beter dan je denkt. Eventueel kun je een klein notitieblokje naast je bed leggen. Schrijf één steekwoord op en klaar. Niet gaan plannen, niet gaan uitwerken.
Belangrijk: al deze dingen werken beter als je de tijd niet weet. Dan heb je geen extra laag stress eroverheen.
De eerste nachten: wat je wél en niet moet verwachten
De waarheid: de eerste nachten zal je waarschijnlijk tóch willen kijken. Je hand gaat automatisch richting je telefoon of wekker. Dat is gewoon een gewoontepad in je brein.
Als je het merkt, kun je twee dingen doen:
- Stop halverwege. Hand terugtrekken, ogen dicht. Klaar.
- Of als je al gekeken hebt: neem het jezelf niet kwalijk, maar ga niet rekenen. Zeg letterlijk in jezelf: “Oké, tijd gezien, maar ik ga er niks mee doen.” En richt je aandacht weer op je ademhaling of je lichaam.
Verwacht niet dat je na één nacht nooit meer wakker wordt. Het doel is niet: nooit meer wakker, maar: minder onrustig als je wakker wordt. Dat is een veel haalbaarder doel.
Na een paar nachten merk je vaak dat het wakker worden korter duurt. Je wordt wakker, draait je om, denkt: “O ja, ik hoef niks met de tijd”, en glijdt weer weg.
Waarom dit beter werkt dan “hard je best doen” om te slapen
Hoe harder je probeert te slapen, hoe wakkerder je wordt. Slaap is geen taak die je kunt afdwingen, het is meer iets wat gebeurt als de omstandigheden kloppen.
Niet naar de klok kijken is eigenlijk een manier om die omstandigheden net wat vriendelijker te maken. Je haalt een belangrijke trigger weg: de tijdsdruk. En zonder die druk heeft je lichaam meer ruimte om z’n eigen werk te doen.
Je hoeft dus niet harder je best te doen. Je hoeft juist mínder te doen. Minder kijken, minder rekenen, minder oordelen over jezelf. Het voelt misschien passief, maar het is verrassend actief in wat het met je zenuwstelsel doet.
Handige aanpassingen in je slaapkamer
Als je dit serieus wilt proberen, helpt het om je slaapkamer een beetje “klokproof” te maken.
Denk aan dingen zoals:
- Een wekker met een knop om het licht uit te zetten of de cijfers te dimmen.
- Geen projectieklokken op het plafond. Leuk gadget, onhandig voor je nachtrust.
- Telefoon in een andere kamer of in ieder geval uit het zicht.
- Geen andere schermen met klokken in beeld, zoals een laptop of tv in standby met een klokje.
Je maakt het jezelf daarmee makkelijker om níet te kijken. Hoe minder verleiding, hoe minder wilskracht je nodig hebt.
Wat als je onregelmatige diensten draait?
Als je in de zorg werkt, in de horeca, of ploegendiensten draait, is het natuurlijk lastiger. Je kunt dan niet helemaal los zijn van de tijd. Maar zelfs dan kun je iets met dit principe.
Je kunt bijvoorbeeld afspreken met jezelf: alleen de eerste keer dat je wakker wordt mag je kort kijken of je nog goed zit qua tijd. Daarna niet meer. Of je legt de wekker zo neer dat je hem alleen ziet als je echt overeind komt.
Ook dan geldt: hoe minder je ‘s nachts rekent, hoe groter de kans dat je weer inslaapt tussen je wekmomenten door.
Wanneer is het tijd om verder te kijken dan alleen de klok
Als je ondanks dit soort aanpassingen wekenlang blijft tobben met in- of doorslapen, is het slim om even verder te kijken. Niet in de zin van nóg een truc proberen, maar misschien gewoon even overleggen met je huisarts.
Op sites als Thuisarts en Gezondheidsnet vind je duidelijke uitleg over verschillende soorten slaapproblemen. Ook organisaties als de Hersenstichting leggen goed uit hoe slaap en je brein met elkaar samenhangen.
Maar zelfs als er meer aan de hand is, blijft dit ene advies bijna altijd bruikbaar: stop met nachtelijk klokstaren. Het is geen wondermiddel, maar wel een van de makkelijkste knoppen waar je zelf aan kunt draaien.
Veelgestelde vragen over geen klok kijken ‘s nachts
Maar wat als ik me verslaap zonder op de klok te letten?
Je hoeft niet zonder wekker te slapen. Het idee is dat je de wekker zo neerzet dat hij jou wekt op het juiste moment, zonder dat jij de tijd ziet als je tussendoor wakker wordt. Dus: wekker aan, gezicht van je af, niet elk uur controleren of hij het nog doet.
Ik word juist onrustig als ik de tijd níet weet. Wat dan?
Dat is logisch in het begin. Je bent gewend geraakt aan die “controle”. Zie het als afkicken van een gewoonte. Spreek met jezelf een proefperiode af van bijvoorbeeld twee weken. In die periode ga je de onrust niet oplossen door tóch te kijken, maar door te oefenen met ademen, ontspannen en gedachten parkeren. Vaak wordt die onrust dan vanzelf minder.
Hoe lang duurt het voordat dit effect heeft?
Bij sommige mensen merk je na een paar nachten al verschil, bij anderen duurt het een paar weken. Het hangt er ook vanaf hoe lang je al gewend bent om steeds naar de klok te grijpen. Zie het als een training: elke nacht dat je niet kijkt, leg je een nieuw spoor aan in je brein.
Mag ik dan echt nooit meer ‘s nachts naar de tijd kijken?
Natuurlijk mag je alles. Het gaat niet om een streng verbod, maar om het doorbreken van een patroon dat je niet helpt. Als je een keer per ongeluk kijkt, is er niks verloren. Het gaat om wat je meestal doet. Hoe minder je kijkt, hoe meer rust.
Helpt dit ook als ik moeite heb met in slaap vallen aan het begin van de nacht?
Ja, zeker. Veel mensen gaan al in bed liggen rekenen: “Als ik nú slaap, heb ik nog 7 uur… nu 6,5…”. Ook dan helpt het om de klok uit het zicht te zetten zodra je in bed stapt. Geen tijd meer checken, gewoon je avond afsluiten en je lichaam de kans geven om in de slaapstand te zakken.
Als je één ding meeneemt uit dit hele verhaal, laat het dan dit zijn: je hoeft ‘s nachts niet te weten hoe laat het is. Je hoeft alleen maar te weten dat je ligt, dat je rust en dat je lichaam de rest eigenlijk best wel goed kan zelf. Laat die cijfers maar voor de ochtend.
Related Topics
Kruidenthee voor betere slaap: wat werkt nu écht?
Warme Voeten in een Koude Kamer: Hoe Beter Inslapen?
De 4-7-8 Ademhalingstechniek: Rustiger Inslapen
Je lijf op pauze zetten: zo werkt progressieve spierontspanning
Omgaan met Piekeren: Effectieve Tips voor Beter Inslapen
Visualisatie Technieken voor Beter Inslapen
Explore More Beter Inslapen
Discover more examples and insights in this category.
View All Beter Inslapen